Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

injectie van physiologisch zout werden waargenomen, een steun voor de eerst genoemde opvatting zouden zijn *).

Opmerkelijk is nu, dat vrijwel alle onderzoekers het er over eens zijn, dat eiwit-therapie bij febris-typhoidea de meest gunstige resultaten geeft, wanneer zij in het beginstadium van de ziekte wordt toegepast **). En juist in het begin zijn de typhus-bacillen in de meeste gevallen makkelijk uit het bloed te kweeken, reden waarom de typhus abdominalis bij de septicaemieën kan worden ondergebracht.

We zouden kunnen aannemen, dat onder invloed van de in de bloedbaan gekomen splitsingsproducten een verandering van het milieu, waar de bacillen zich bevinden, optreedt; waardoor de levenskans voor de typhus-bacillen aanmerkelijk verminderd wordt.

Welke veranderingen hiervoor aansprakelijk gesteld moeten worden, is nog niet bekend (veranderingen in den zuurgraad van het bloed?). De verschei denheid van de middelen, waarmee gunstige resultaten bereikt werden bij typhus, maakt het onwaarschijnlijk, dat in het geïnjicieerde middel, de directe genezingsfactor te vinden is. Eerder komt hiervoor een factor in aanmerking die zij alle gemeen hebben en deze is: dat op hun injectie temperatuursverhooging volgt, welke temperatuursverhooging het gevolg zou zijn van de extracellulaire aanwezigheid van eiwit-splitsings-producten. (Wei-

*) Zelf zag ik hoe een intraveneuze injectie van 100 cc steriele 20 % glucose-oplossing een uur na injectie bij een niet koortsenden patiënt gevolgd werd door koude rilling en stijging van de lichaamstemperatuur tot 39°. Z.g. isotonische oplossingen kunnen dus in voldoende hoeveelheid geïnjicieerd tot temperatuursverhooging aanleiding geven.

*) Eveneens is opmerkelijk, dat we in den laatsten tijd (Typhusepidemie 1926 Hannover) zoo weinig gehoord hebben over gunstige resultaten met eiwit-therapie.

Sluiten