Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maken. Ook van de tractus rubrospinales is toeh niet met zekerheid bekend of daarin de van de roode kernen afkomstige vezels allen haar oorsprong hebben in de gekruiste roode kern of ook in de gelijkzijdige; of dus de vezels van de roode kernen naar de tractus rubrospinales zich allen eerst in de deeussatio Forel kruisen of dat een deel rechtstreeks in den gel ij k zij di gen tractus overgaat.

Sommige phvsiologen, zoo onder anderen Thiele naar aanleiding van experimenten met partiëele doorsnijdingen van het mesencephalon bij katten, nemen het bestaan van ongekruiste vezels aan. Volgens vox Moxakow daarentegen en evenzoo volgens Winklier is dit ongekruiste deel, zoo het bestaat, bij konijnen en katten in ieder geval zeer gering.

Hun meening berust op de waarnemingen gedaan na halfzijdige doorsnijding van pons of medulla oblongata bij pasgeboren dieren. Ze zagen daarna, toch door retrograde atrophie zoo goed als alle cellen in de gekruiste roode kern verdwenen. Monakow zag na eenzijdige doorsnijding van den tractus rubrospinalis bij pasgeboren konijnen alle reuzencellen uit het caudale gedeelte der gekruiste roode kern verdwijnen. Bij een pasgeboren kat, waarbij hij nagenoeg de geheele ponshelft doorsneed (niet den lemniscus lateralis), atrophieerde de linker roode kem door retrograde degeneratie bijna geheel. Alleen bleven cellen bestaan in die deelen der roode kern, weifee hij nucleus dorsalis en nucleus reticularis dorsolateralis noemt. Ook in praeparaten van een konijn, waarbij Winkler direct na de geboorte de medulla oblongata halfzijdig doorsneed, zijn alleen cellen dezer gedeelten intact gebleven.

En ten slotte werd nergens in de literatuur gevonden, waar de vezels van de rubrospinale banen in de voorhoornen van het ruggemerg eindigen; alleen in de gelijkzijdige of ook in de voorhoornen der tegenover liggende zijde.

Uit dit alles volgt, dat, hoewel in hoofdstuk VII twee gevallen (kat Mediana en konijn Grisette) beschreven wei-den, waarbij slechts eenzijdig een rubrospinale baan geheel of zoo goed als geheel gedegenereerd was en waarbij o.a. slechts uit een der zijliggingen een lichaamsoprichtreflex op het lichaam aantoonbaar was, het verstandiger is, deze gevallen hier niet nader te ontleden, temeer, daar de andere tractus rubrospinalis ook gelaedeerd was.

In plaats van gewaagde veronderstellingen te maken zij ten slotte geresumeerd wat omtrent de functies der roode kernen bij konijnen en katten bekend is.

I. De roode kernen zijn bij kat en konijn de centra voor de regulatie van de normale spiertonusverhouding, en van de labyrinthoprichtreflexen evenals van de lichaamsopricMreflexen op het lichaam.

II. De roode kernen van kat en konijn kunnen de normale spiertonusverhouding in stand houden evenals het op te wekken zijn der labyrinthoprichtreflexen en der lichaamsoprichtreflexen op het lichaam bij afwezigheid van groote hersenen, corpora striata, thalami optici en corpora quadrigemina, tenoijl ze voor het doen optreden der labyrinthoprichtreflexen evenmin het cerebellum noodig hebben.

Sluiten