Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uit de kern van Deiters en uit het proximale deel der kern van de radix descendens ontspringt verder de krachtige bundel, die allereerst de gelijkzijdige abducenskern voorziet, dan in het opgaande en in het neergaande stelsel van beide fasciculi longitudinales posteriores overgaat om langs dezen weg de overige oogspierkernen, ook de gekruiste abducenskern, en het ruggemerg te bereiken.

Al deze verbindingswegen kunnen dus door de impulsen uit de cristae der ampullen gebruikt worden en onder de aldus opgewekte reflexen spelen volgens Winkler de zoogenaamde draai-reacties en de daarvan afhankelijke nareacties een zeer groote rol.

Deze anatomische beschouwingen, bedoeld als grondslag voor verder phvsiologisch onderzoek omtrent het mechanisme der draai-reacties, maken zeker in verband met boven vermelde resultaten na totale dwarse doorsnijdingen een onderzoek omtrent de functies der Deiter'sche kernen gewenscht.

In het tweede hoofdstuk hebben we reeds gezien, dat vooral Engelsche onderzoekers geneigd zijn om in deze kernen de centra voor de ontherseningsstijfheid te zien.

Hoe dit zij, de physiologische beteekenis der kernen van Deiters, welke buiten het bestek van dit onderzoek, buiten het mesencephalon liggen, is nog onbekend.

Alleen staat vast door de onderzoekingen van Magnus en de Kleyn, hetgeen geheel door mijne onderzoekingen bevestigd werd, dat de centra der kopdraai-reacties en der kopdraai-nareacties caudaal moeten liggen van het niveau, dat dicht voor de octavuskernen en kernen van Deiters gaat.

Eveneens toonden Magnus en de Kleyn aan, dat de aanwezigheid van het cerebellum voor het tot stand komen dezer reacties niet noodzakelijk is, maar dat ze ook nog kunnen optreden na cerebellumextirpatie.

Kopdraai-nystagmus en kopdraai-nanystagmus.

Op deze reacties werd door mij geen speciaal onderzoek ingesteld. Toch zijn twee waarnemingen omtrent deze reacties vermeldenswaard.

De eene waarneming is die van een duidelijken kopdraai-nystagmus bij een kat (n°. 6), waarvan de hersenen totaal doorgesneden waren door een dwarssnede, welke oraal van de corpora quadrigemina posteriora en door de hersenstelen juist oraal van den pons gegaan was.

De tweede waarneming is die, zoowel van een kopdraai-nystagmus als van een kopdraai-nanystagmus bij een konijn (n°. 23) eveneens na een totale dwarse doorsnijding juist oraal van de corpora quadrigemina posteriora en oraal van den pons.

In beide gevallen werden deze reacties waargenomen, als het dier in opgerichte houding om zijn dorsoventrale as gedraaid werd.

Verder werd reeds vermeld, dat Magnus en de Kleyn nog een kopdraai-

Sluiten