Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hangt men het dier in de lucht met den kop naar beneden, dan hangt de kop symmetrisch t. o. v. den romp.

Stijfheid +

Labyrinthoprichtreflexen —

Lichaamsopriehtreflexen —

Halsoprichtreflexen +, duidelijk; zet men den kop van uit

zijligging recht, dan gaat ook het voorlichaam overeind, het achterlichaam niet. Tonische halsreflexen -f-; wenden van den kop bij het op den

rag liggende dier geeft zwakke tonische halsreflexen.

Tonische labyrinthreflexen -(-, zeer duidelijk bij omleggen van het

dier van de buikligging in rugligging, eveneens bij draaien en bij voor- en achterover bewegen van den kop van het op zijde liggende dier. Ook de invloed van het omleggen op den tonus der nekspieren is duidelijk.

Liftreactie — ?; er is iets reactie van den kop zicht¬

baar, niet van de pooten.

Sprongopvangreflex —

Compensatoire oogstanden —

Kopdraai-reacties en -nareacties -fOogdraai-reacties —

11 uur: Het dier vertoont geen duidelijke stijfheid meer. Corneareflex —. Patellairreflexen -f-, levendig. Gelijkzijdige buigreflex +. Gekruiste strekreflex Liftreactie —

Sprongopvangreflex — '

Kopdraai-reacties -\-

Oogdraai-reacties —-

Het dier ligt steeds in zijligging en vertoont noch labyrinthaire noch lichaamsopriehtreflexen.

3 uur: De toestand van het dier en de reflexen zijn geheel als te voren. Het dier vertoont geen duidelijke stijfheid. Het dier gedood.

O b d u c t i e: Bloedstolsels in de schedelholte, op den pons, op het cerebellum en om de medulla oblongata. De sneevlakte begint dorsaal achter de corpora quadrigemina posteriora. Het overige verloop der sneevlakte is onherkenbaar door de bloedstolsels. De nervi oculomotorii en nervi trochleares zijn doorgesneden; de nervi abducentes en de nervi trigemini zijn intact.

Konijn 21.

Gewicht 1.95 K.G.

8 F tbr. 1922. Aethernarcose. — Tracheotomie. — Kunstmatige ademhaling met een mengsel van chloroform en aether. — De carotiden afgebonden. — De nervi vagi doorgesneden. — Trepanatie. — Het schedeldak verwijderd. — Het dier caudaal gedecerebreerd. — Een sterke bloeding uit de arteria basilaris gestelpt. — De huid gehecht. — Opgehouden met narcose.

10 uur 45: Einde der operatie.

11 uur 45: Het dier steeds met rast gelaten; de kop omhoog gehouden in den kophouder.

Zoodra men probeert het dier in zijligging te brengen begint de bloeding in de schedelholte opnieuw. Het dier is niet stijf.

12 uur: De ademhaling geschiedt nog steeds niet spontaan. Het dier is niet stijf en houdt

de pooten in lichten buigstand. De ruggemergsreflexen zijn levendig, zoowel de patellairreflexen als de gelijkzijdige buigreflexen en de gekruiste strekreflexen. De oor-snorhaarreflex is ook aanwezig, daarentegen zijn de corneareflexen —. Ontherseningsstijfheid —

Labyrinthoprichtreflexen —

Lichaamsopriehtreflexen —

Halsoprichtreflexen op de voorste lichaamshelft —op het bekken -f-

Liftreactie —

Sluiten