Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fïltraat met een gelijk volume Obermayer's reagens (4%o ferrichloride in sterk zoutzuur S.G. 1.19), waarna zij het gevormde indigo-blauw met chloroform uischudden.

Gaat men in de gevallen, waarbij de indicanreactie positief was, gevallen, die klinisch alle uraemisch waren, het reststikstofgehalte na, dan blijkt uit hun tabellen, dat op één uitzondering na, bij alle de reststikstof verhoogd was: waar normaliter het reststikstofgehalte beneden 0.5 %o bleef, bedroeg dit in dergelijke gevallen o-9—16.5 %o-

In 2 3 van de 2 5 gevallen zijn de patiënten gesuccombeerd, terwijl één patiënt op verzoek werd ontslagen, bij wien het reststikstofgehalte van het serum 2.4°/oo was, zoodat het verloop van de ziekte ook wel letaal geweest zal zijn.

Omgekeerd zijn enkele gevallen beschreven, waar, bij een reststikstofgehalte van 1.4—x.5%o» de indicanreactie in het serum negatief was.

Bij controle-bepalingen in het serum van normale menschen of van personen lijdende aan andere ziekten dan nephritis, bleek de reactie negatief te zijn.

Uit het bovenstaande blijkt voldoende, dat deze indicanaemie alleen voorkomt bij uraemische patiënten, dat zij prognostisch infaust is en dat de bepalingen ervan groote waarde kan hebben in diagnostisch moeilijke gevallen. Hoe deze indicanaemie tot stand komt, laten de schrijvers in het midden; daar het indican niet giftig is, nemen zij geen oorzakelijk verband aan tusschen indicanaemie en uraemie.

Dorner *) toonde ook in exsudaten het indican aan, kon het daarentegen in het lumbaalvocht niet vinden.

') Dorner. Deutsches Arch. f. Klin. Med. Bd. 113. 1913.

Sluiten