Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

indicangehalte van 0.91 mgr./L. de reactie negatief uitvalt.

Nietteeenstaande dit bezwaar is deze methode verreweg te verkiezen boven die van Haas en geeft praktisch voldoende uitkomsten.

Om nader te vermelden redenen heb ik ter onteiwitting van het serum absoluten alcohol gebruikt en wil nu de methode beschrijven, die ik bij mijn quantitatieve indicanbepalingen gebruikt heb.

Het bloed werd meestal tusschen 11 en 12 uur 's morgens afgetapt en nadat het een half uur bij kamertemperatuur had gestaan, werd het stolsel voorzichtig van den wand van het glas losgemaakt en voor een goede retractie van den bloedkoek in de ijskast geplaatst. Wanneer 's middags het serum zich goed had afgezet werden 20 cc. voorzichtig gedruppeld in een maatkolfje van 100, dat gedeeltelijk met absoluten alcohol was gevuld. Na flink schudden, vult men aan tot 100 cc. en wacht eenigen tijd. Men zal dan bemerken, dat de vloeistof zich gecontraheerd heeft, zoodat men opnieuw aanvult tot 100 cc. en daarna het eiwitneerslag affiltreert. Het filtraat behandelt men met enkele druppels alcoholische chloorzink oplossing (io%)> waardoor de rest van het eiwit neerslaat. Na filtreeren neemt men van het filtraat 75 cc., waarin dus de hoeveelheid indican van 15 cc. serum aanwezig is en dampt deze in tot 4 a 5 cc.

Dit residu wordt met + 8 druppels 20% loodacetaat behandeld en verder aangevuld tot 15 cc., waarna men filtreert. Er loopt een waterhelder filtraat door, waarvan de concentratie van het indican dezelfde moet zijn als die van het serum, waarvan men is uitgegaan.

Sluiten