Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geheel verstoken van pompwater moeten de bewoners zich bedienen van het water, dat langs hunne buurt vloeit.

In dit opzicht echter met vele duizende inwoners der gemeente Utrecht, zoowel binnen als buiten de stad, gelijk staande, zijn echter de bewoners dezer buurt, vooral in vergelijking hunner mede-wijkbewoners, zeer bevoorregt.

Indien wij nagaan van waar hun drinkwater komt, dan merken wij op, volgens Fig. 3 dat het kan zijn:

1°. van het water door schutting der sluis vrij geworden; zijnde een mengsel van het water uit de buitengrachten en de oudegracht.

2°. van het water uit de westelijke stadsbuitengracht, langs zijtak A, na molen B in beweging gebracht te hebben.

Uitgezonderd de tijdens de Cholera ingestelde buitengewone waterloozing door de schutssluis, (zoolang de epidemie heerschte werd iederen avond, gedurende een uur, het water door de sluizen vrijen afvoer gegeven) wordt er overigens betrekkelijk weinig water op de gewone wijze uitgevoerd, doordien dagelijksch slechts enkele malen, voor doorvaart der schepen, eenig water vrijkomt, terwijl de hoofdstroom afgeleid wordt langs de zijtakken, zoo als ïig. 3 aantoont.

Het water door de zijtak A komende heeft, in weerwil dat het reeds een molen in beweging gebracht heeft, nog die buitengewone kracht, dat het met eene vrij sterken stroom langs den wal der Zeedijk vloeit; zoodat eene plaatselijke beschouwing doet zien, dat het door de schutssluis geloosde Water door hare kracht wordt afgewend, waaruit wij besluiten mogen, dat de Zeedijk-bewoners het water drinken uit de westelijke buitengracht, zijnde dit bijzonder zuiver, doordien deze vaart niet die groote quantiteiten excrementen en andere onreinheden ontvangt, als de andere grachten in en om de stad. Immers de riolen der huizen staande langs de oude en nieuwe gracht c. s. en oostelijke stads buitengracht

7

Sluiten