Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boomen moet dit grijpen een onmisbare beweging rijn voor deze dieren, een beweging, die bij ouden van dagen weer te voorschijn komt, wanneer deze zich aan alles wat in hun bereik komt, vastklemmen.

Ook d e V r i e s kon een grijp-reflex bij zijn misvorming vaststellen en gaf een gedetailleerde beschrijving.

Het lijkt mij persoonlijk dat de beteekenis van de grijp-reflex voldoende gerespecteerd wordt, wanneer we bij deze bïweging weten, dat zij tot stand komt wanneer zich een voorwerp in de hand bevindt. Met dit ..grijpen" is mijns inziens voldoende gezegd en begrepen. Waartoe gegrepen wordt is niet te zeggen en het berust op louter phantasie aan dit grijpen verder beteekenis te hechten.

§ 10. Bewegingen van hoofd en gezicht.

De bewegingen die volgen op prikkels, toegebracht in de buurt van het gezicht, vragen een afzonderlijke bespreking, omdat enkele localisatie-vragen hier een praegnante moeilijkheid vertoonen en omdat deze reflexen met de vegetatieve functies verband houden. In deze bewegingen is een groote gradatie te vinden. Zij variëeren van een massale algemeene schrikreactie tot de volkomen aangepaste zuig- en drinkbewegingen, zij vertoonen nu eens ontwijkingskarakter, dan weer „grijp'qualiteiten, houden verband met lichaamshouding in het eene geval, met ademhaling of voedselopneming in het andere.

De meeste dezer bewegingen beperken zich niet tot het hoofd, doch worden ook in de verder afgelegen ledematen gevonden. De eerste vraag, die een antwoord eischt, is deze. langs welke vezels worden de impulsen geleid, die, binnengekomen langs de Trigeminusbanen, bewegingen b.v. in de voeten veroorzaken?

Deze vraag is reeds door vele onderzoekers gesteld, die na pijn of b.v. na smaakprikkels reacties zagen in ver distaal gelegen deelen van het individu. (Brouwer, Z i n g e r 1 e.)

Ook M i n k o w s k i deed hierover proeven: hij zag de distale bewegingen ophouden na doorsnijding van het ruggemerg zijner immature foetus. Het is dus zeker dat de geleiding door het ruggemerg plaats heeft. Langs welke banen?

De meeste onderzoekers vermoeden, dat de korte banen in de voorstrengen hiervoor in aanmerking komen, anderen spreken van irradatie. Het lijkt mij, zooals ik reeds eerder uiteenzette, onvruchtbaar over localisatie bij zoo jonge en onvolwassen wezens te spreken. Irradiatie in den zin dien ik reeds eerder aangaf, speelt hierbij een uiterst belangrijke rol: de bewegingen zijn voor de groote meerderheid der gevallen in de eerste plaats algemeen, zijn nog slechts zeer gedeeltelijk aangepast en gereguleerd en dragen meer het karakter van „Prinzipal-bewegungen", zoodat het nog geen zin heeft, lange bespiegelingen te wijden aan mogelijke banen, die toch nog aanwezig zouden kunnen zijn, om impulsen te geleiden van de Trigeminuskernen naar distale gedeelten van het ruggemerg. Hoever het parallelisme met de mergscheede-rijping gaat, wil ik liever buiten bespreking laten.

De algemeene schrikreactie was ook op te wekken door den hemicephalus in het gezicht te blazen. Terwijl daarbij soms zeer weinig te zien was van bewegingen in het gezicht zelf, traden in armen en beenen de typische reacties op, die door middel van een film ontleed konden worden en volkomen gelijk waren aan de reacties na een slag op de tafel.

Enkele ontwijkingsbewegingen hadden een minder algemeenen vorm. Na koude of „pijn, toegebracht op een wang, werd het hoofd in tegenovergestelde richting bewogen. Dit werd door verscheidene andere onderzoekers ook gevonden (o.a. door Brouwer, Zing er le). Merkwaardig was echter, dat de film leerde, dat de reactie zich niet

Sluiten