Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fuld en Levison 2) maakten een 1 % edestine-oplossing in verdund zoutzuur. Wanneer zij hierop verschillende hoeveelheden eener pepsineoplossing lieten werken en na een bepaalden tijd, met phenolphtaleïne als indicator, titreerden, zagen ze vóór het omslaan in rood een neerslag ontstaan, waarvan de grootte in omgekeerde evenredigheid stond met de hoeveelheid pepsine. Zij gaven echter weldra het titreeren op, maar trachtten hun doel te bereiken door op de vloeistof een sterke NH3oplossing te brengen. Op de grens van beide vloeistoffen ontstond dan een neutrale laag, waarin het aanwezige, onverteerde eiwit praecipiteerde.

Later bereidden zij een 1 °/oo edestine-oplossing in zoutzuur van de aciditeit 30 (30 cM3 Vio n. HC1 + 70 cM3 aq. dest.).

In een reeks reageerbuisjes brachten zij telkens 2 cM3 1 %o edestineoplossing en maagsap in verschillende, afnemende hoeveelheden. Na de digestie brachten zij dan enkele druppels sterke NH3-oplossing in de reageerbuisjes, om te controleeren of er troebelheid ontstond al of niet, d. w. z. of de edestine nog niet verteerd was of reeds verteerd.

Uit de edestine zou door het zuur edestan gevormd worden, dat bij neutrale reactie neerslaat.

Inplaats van NH3-oplossing kan men ook een NaCl-oplossing nemen.

Volgens Fuld en Levison zou men met een 10% NaCl-oplossing ook directe bepalingen kunnen doen, daar des te meer van die zoutoplossing moet toegevoegd worden, naarmate de pepsine-oplossing sterker gedigereerd heeft.

Bovendien zou men met hun methode die van Jacoby-Solms kunnen nabootsen, door te werken met een troebele edestine-oplossing. Door een keukenzout-oplossing immers zou men hun edestine-oplossing troebel kunnen maken.

Tal van onderzoekingen zijn ook met deze methode gedaan, waarbij weer elk der onderzoekers zijn eigen wijze van proefinrichting gevolgd heeft. Zoo is de sterkte van de edestineoplossing en de hoeveelheid telkens gevarieerd; eveneens is de temperatuur, waarbij gedigereerd wordt, zeer uiteenloopend, alsook de wijze, waarop na de digestie onderzocht wordt of nog onverteerd eiwit aanwezig is.

Meestal heeft men ook met deze methode de digestie niet gecontroleerd op verschillende tijden, maar op één tijdstip bepaald, welke zwakste

1) Fuld: Eine neue Methode der Pepsinbestimmung. Münch. Med. Woch. 1907. S. 1454.

2) Fuld-Levison: Die Pepsinbestimmung mittelst der Edestineprobe. Bioch. Zeitschr.

Bd, VI. 1907. S. 473.

Sluiten