Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Direct na het voeren van deze zoutzuuroplossing werd de hond heel naar, vertoonde weldra heftige convulsieve trekkingen en stierf na circa een kwartier. Bij het inbrengen van de sonde noch bij het daarop volgende ingieten van de zoutzuuroplossing had de hond gehoest, zoodat de sonde wel in de maag, moet geweest zijn.

Bij de sectie vond ik zeer weinig; trachea en longen normaal, alleen wat schuim en vocht in de bronchi en trachea, dat echter niet zuur reageerde. De maag bevatte weinig vocht (tijdens de sectie, waarbij de kop van het dier naar beneden hing, liep er vocht uit den bek, dat zuur reageerde). De oesophagus zag er normaal uit; het maagslijmvlies, waartegen het geïmplanteerde darmstuk zich zeer fraai afteekende, eveneens. Zelfs geen spoor van roodheid was hier te bekennen, wel echter in het begin van het duodenum, dat er van buiten normaal uitzag (evenals de pancreas) maar welks slijmvlies bloederig geïmbibeerd was. Na afspoeling bleek het slijmvlies echter normaal te zijn.

De geringe inhoud van de maag reageerde zwak-zuur.

Waaraan de dood toe te schrijven is; ik weet het niet. Dat de maaginhoud wel en het vocht in trachea en bronchi niet zuur reageerde, bewijst wel, dat het zoutzuur in de maag moet gekomen zijn. Van caustische werking kan geen sprake geweest zijn, getuige de intacte slijmvliezen. Mogelijk is, dat het zoutzuur door ver invoeren van de maagsonde het slijmvlies van het duodenum (dit was immers met bloederig vocht bedekt) direct zoo heftig geprikkeld heeft, dat „de dood door bedwang" opgetreden is. Bij acute zuurintoxicatie treden, zooals bekend is, convulsies op, maar daarnaast zien we dan zulke zware veranderingen in de slijmvliezen van het begin van den digestietractus, dat deze laatste mogelijkheid mij zeer onwaarschijnlijk lijkt.

Bekijken wij de maag nog eens van binnen, dan zien wij het geïmplanteerde darmstuk (3 weken) duidelijk afsteken tegen de omgeving.

De kleur der slijmvliezen verschilt slechts weinig, de plooivorming is echter anders, terwijl aan de randen op verschillende plaatsen zwart verkleurde zijden draden los in het maaglumen hangen.

Op het slijmvlies van den darm is geen spoor van een ulcus te zien. Ook hier blijkt microscopisch reeds dat maag- en darmwand eerst in de submucosa innig vergroeid zijn, buigt men n.1. de randen om, dan ziet men een duidelijke geul tusschen beide slijmvliesranden verschijnen.

Sluiten