Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar buiten vloeide en al kwam dit niet in de buikholte, de operatie werd er toch door gecompliceerd.

2°. liet ik zoowel aan de pylorus- als aan de oesophaguszijde, zoo weinig mogelijk van de maag staan, juist genoeg, om nog een anastomose volgens Billroth 1 met de darmlis te kunnen maken.

Aan den pyloruskant was dit geen bezwaar, daar zoowel de pylorus als het begin van het duodenum bij den hond zeer los zitten en gemakkelijk buiten de wond te brengen zijn; aan den cardiakant daarentegen moest ik heel in de diepte werken en was het aanleggen van eene anastomose uiterst moeilijk.

Bij de nu volgende proeven liet ik het proefmaal achterwege en spaarde een betrekkelijk groot stuk van de cardia, zoodat ik na sluiting hiervan betrekkelijk gemakkelijk de darmlis zijdelings kon implanteeren. Ook begon ik nu niet met de isolatie van de darmlis, maar met de partieele maagresectie en nam een dikkedarm- inplaats van een dunnedarmcylinder.

25 April 1910. Wolf. Na opening van het peritoneum werd de maag naar buiten gehaald; deze was tamelijk groot, maar niet gevuld; aan de curvatura major werd over de halve lengte het groote net onderbonden en afgeknipt, daarna werden aan weerskanten twee maagklemmen aangelegd en daartusschen de maag met den thermocauter doorgeschroeid, vervolgens het omentum minus, voor zoover noodig, onderbonden en doorgeknipt en op deze wijze ± de helft der maag gereseceerd en wel zóó, dat aan de pyloruszijde slechts een kleine maagstomp, aan de cardiazijde daarentegen een groot stuk behouden bleef. De maagstompen werden dichtgenaaid en overhecht.

Hierna isoleerde ik uit het colon transversum een ± 7 cM. langen dikkedarmcylinder, herstelde de continuiteit van het colon door eene eindelingsche anastomose en plantte de einden van den geïsoleerden colonbuis in den voorwand der maagstompen, dus eind op zij, waarbij ik de lumina der maag telkens met den thermocauter opende. De mesocolonsteel werd niet gedraaid en de coloncylinder ingelascht, zooals hij in het colon transversum gezeten had, dus antisoperistaltisch.

Bij het isoleeren der dikkedarmlis bleek het colon transversum vol te zitten met vrij harde scybala, die voor het grootste deel uit haar bleken te bestaan. Voor alle zekerheid verwijderde ik die met pincets zoo goed en kwaad het ging. Deze operatie duurde 2V4 uur.

De hond kwam weldra bij en kreeg denzelfden middag nog een clysma van 300 cM3., waarop dadelijk een groot scybalon vol haren ontlast werd.

Sluiten