Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Stimson ontdekte in 1905 in de Levaditisneden van de nier van een geval van gele koorts, gedurende de epidemie in New-Orleans, een spirochaet, de z.g.n. spirochaeta interrogans. Hoewel Schaudinn reeds het vermoeden had uitgesproken, dat de oorzaak der gele koorts een spirochaet kon zijn, vond de ontdekking van Stimson toch geen aanhang. N o g u c h i sprak zich later uit voor de identiteit van zijn leptospira icteroïdes met de spirochaet van Stimson.

Een grootere rol dan al zijn voorgangers heeft gespeeld de z.g.n. leptospira icteroïdes van N o g u c h i.

In 1919 publiceerde Noguchi de resultaten van zijn onderzoekingen tijdens een gele-koorts-epidemie in 1918 in Guayaquil. De klinische en pathologische verschijnselen bij deze epidemie waren, volgens hem, conform die, beschreven door andere onderzoekers in andere plaatsen. Er kwamen 140 gevallen voor, waarvan 66 stierven, d.i. 47,1 %.

Hij vond, na injectie bij caviae van bloed van gele-koortsgevallen, verschijnselen, die nauwkeurig geleken op die van de menschelijke gele koorts. Van 74 caviae, ingespoten met bloed van 27 gevallen van gele koorts, stierven er 8, vertegenwoordigende 6 gevallen, aan deze verschijnselen. In het bloed, de lever en de nieren van deze caviae vond hij een micro-organisme, dat morphologisch nauwkeurig geleek op het oorzakelijke agens van den icterus infectiosus of ziekte van Weil, n.1. de leptospira ictero-haemorrhagiae. Dezelfde verschijnselen konden door verdere passage van dit micro-organisme bij normale caviae tevoorschijn geroepen worden. Hij noemde de leptospira, verkregen bij deze gele-koorts-gevallen leptospira icteroïdes.

Bij verdere proefnemingen, die hij tusschen 1919 en 1922 successievelijk publiceerde, vond Noguchi, dat

Sluiten