Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tospira ictero-haemorrhagiae. De leptospira icteroïdes daarentegen was identiek met de leptospira van de ziekte van Weil.

Op grond van de uitgebreide onderzoekingen, waarbij dus bleek dat er geen verschil kon aangetoond worden tusschen leptospira icteroïdes en leptospira ictero-haemorrhagiae, gaven Schüffner en Mochtar in 1927 vier mogelijkheden aan, ter verklaring van de vondsten van Noguchi en wel:

1. De leptospira icteroïdes is in het geheel niet de verwekker der gele koorts, maar wordt er voor gehouden, omdat men bij vergissing gevallen van de ziekte van Weil voor gele koorts hield. Het virus van de gele koorts zou dan nog niet bekend zijn.

2. De leptospira icteroïdes is slechts iets bijkomstigs, leeft in symbiose met het eigenlijke virus.

3. De leptospira icteroïdes is werkelijk de verwekker van de gele koorts en als zoodanig volkomen identiek met de leptospira ictero-haemorrhagiae. Dan zou men dus de ziekte van Weil als de gele koorts der gematigde zone kunnen beschouwen en dus twee vormen van gele koorts kunnen onderscheiden, n.1. de indirecte, door een geschikten overbrenger, in de warme landen en de directe in Noordelijker landen. Tenminste de indirecte weg is in Holland nog niet waargenomen, hoewel bij badepidemieën door epidemiologen de overbrenging door insecten sterk is overwogen. Tegen de identiteit pleit het feit, dat gele koorts in gezonde havens wordt geïmporteerd door zieke menschen of besmette schepen, terwijl bij identiteit het virus overal bij de ratten aanwezig en er dus voortdurend gevaar voor epidemieën zou zijn. Tegen de hypothese, dat gele koorts een door het tropische klimaat gemodificeerde ziekte van

Sluiten