Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nomen worden besproken. Voor de diagnose is noodig aan te toonen; a. dat het gezwel van de bijnier(-en) uitgaat; b. dat het van de schors uitgaat.

Dit laatste blijkt uit de overeenkomst, in het type en de rangschikking der cellen, met de normale bijnierschors. Het kwaadaardig karakter dezer gezwellen moet blijken uit infiltreerenden groei in de omgeving of uit de aanwezigheid van metastasen op afstand. Onregelmatige groei toch, en atypie der cellen, zijn ook in de normale schors en de daarvan uitgaande goedaardige tumoren, adenomen, niet ongewoon.

Kwaadaardige gezwellen van het merg zijn de neuroblastomen, die uit de embryonale sympathicuscellen van het bijniermerg hun oorsprong nemen. De voor deze gezwellen typische cellen zijn de sympathogoniën, kleine donkere cellen met> weinig plasma, die nog al eens op hoopjes zijn gelegen en vaak fraai zijn gerangschikt om een rond hofje, waarin zich naakte zenuwvezels bevinden. In de coupe doet zich dit voor als een rozet. Geheel overeenkomstige rozetten worden in het embryonale bijniermerg aangetroffen. Bij slechte fixatie vindt men binnen de rozet een homogene fijnkorrelige massa. De sympathogoniën zijn ook wel begeleid door heele bundels van naakte zenuwvezels. Naast het neuroblastoom, als kwaadaardig gezwel kent men twee soorten goedaardige gezwellen van het bijniermerg, te weten het chromatophoroom en het ganglioneuroom, respectievelijk uitgaand van chroomaffine-cellen en gangliëncellen, de beide celsoorten, die zich uit de sympathogoniën kunnen ontwikkelen. Dat deze gezwellen ook op andere plaatsen uit den sympathicus zouden kunnen ontstaan, behoeft geen betoog; evenmin, dat ons hier alleen de neuroblastomen van de bijnier zullen bezighouden.

Behalve de kwaadaardige schorsgezwellen, carcinomen, en de kwaadaardige merggezwellen, neuroblastomen, zijn kwaadaardige gezwellen, die van het stroma der bijnieren uitgaan, sarcomen, te verwachten. Inderdaad zijn er bijniergezwellen, die niet met zekerheid tot de carcinomen of neuroblastomen gerekend kunnen worden; zij worden uit gemis aan positieve gegevens onder den titel sarcomen, als in een rornmelgroep, samengebracht. Wellicht behoort een deel van deze gezwellen tot één der beide reeds meermalen genoemde soorten, of tot een andere nog niet bekende gezwelsoort. De

Sluiten