Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hart. Het hartezakje is van binnen en van buiten normaal, bezat eenige c.M.3 helder vocht. Ostia venosa beiderzijds normaal toegankelijk. Het foramen ovale is gesloten. De valvula ïnitralis is dun, flotteert goed, de aortakleppen functioneeren goed, zijn op den sluitingsrand gevensterd. De tricuspidalis is zonder afwijkingen , de pulmonalis sterk gevensterd. De hartspier is zeer bleek, niet troebel, geen fibrosis, geen vervetting. Het hart is spitsconisch, de punt wordt gevormd door den hypertrophischen linker ventrikel. Het epicard vertoont geen afwijkingen. De maten van het hart bedragen: LV 20 m.M. AO. 69 m.M. RV 5 m.M. P 77 m.M. Gewicht 440 gram. Het begin van de aorta is zonder eenig spoor van sclerose of een andere afwijking.

Longen. De linkerlong is bezaaid met knobbeltjes, van erwttot nootgroot, aan den hilus bevindt zich een mansvuistgroote knobbel, die vast aanvoelt en op doorsnee partijen van verschillende kleur en consistentie laat zien. Op enkele plaatsen is het weefsel wit, vast en fibreus, op andere plaatsen bloederig verweekt en bruingeel gekleurd. De kleur herinnert aan die van de bijnierschors, op enkele plaatsen ook aan de kleur van okercysten. Over alle knobbeltjes verloopt de pleura, die overal glad en glanzend is. Op doorsnee blijkt een deel van de long atelectatisch te zijn. Ook hier zijn overal bolvormige geelwitte knobbetjes te zien, die uit het longparenchym uitpuilen. Overi-t gens schijnt het longweefsel normaal te zijn, is niet gemakkelijk verscheurbaar, niet geïnfiltreerd, goed luchthoudend. De rechterlong is over het algemeen als de linker. Alleen zijn de veranderingen nog sterker. Het tumorweefsel neemt nog meer plaats in, het longweefsel is nog meer gereduceerd. De onderkwab bestaat bijna geheel uit tumorknobbels, maar ook hier is nergens de serosa doorbroken. Aan de voorvlakte van de rechterlong zijn vele erwtgroote gedeeltelijk kortgesteelde knobbeltjes te zien, met glad en glanzend oppervlak. De kleur van deze gezwelletjes is zeer wisselend, grijswitgeel en geelrood, donkerrood. De trachea en hoofdbronchus zijn geheel door vaste klierpaketten omgroeid.

Aan de pleura costalis en diaphragmatica zijn beiderzijds vele tot hazelnootgroote, wratachtige knobbeltjes te zien, die alle subsereus liggen.

De 11e rib is in het midden gebroken.

Sluiten