Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staat, dat aan een perithelioma doet denken. Veel vaten zijn gethromboseerd. In een groote vene wordt een kleine tumorthrombus gevonden. Hier en daar groeien tumorspruiten vrij in het uitgestorte bloed. In cellen en stroma verspreid liggen gele korrels, die geen ijzerreactie geven, vermoedelijk formalineneerslagj. Een Soedancoupe geeft een fraai beeld. Hier vallen dadelijk de overgebleven bijnierschorscellen op door hun vetrijkdom. Op verschillende plaatsen vertoonen ook de tumorcellen een sterke vervetting; een belangrijk deel van dit vet is, evenals dat in de bijnier, dubbelbrekend.

De groote gelijkenis van de tumorcellen, op verschillende plaatsen, met de schorscellen van de bijnier, pleit er voor oolf hier een carcinoom uitgaande van de bijnierschors aan te nemen. |

De aanwezigheid van bijnierschors op verschillende plaatsen in den rand van den tumor, terwijl van merg niets is teruggevonden, zou ervoor kunnen pleiten, den oorsprong van den tumor in het merg te zoeken. iWanneer men evenwej den loop van bloed- en lymphvaten in de bijnier in aanmerking neemt, is het duidelijk dat ook schorstumoren een dergelijk beeld kunnen geven.

Van de lever bestaat nog slechts één ijscoupe, die een onder de kapsel gelegen gortkorrelgroote metastase bevat. Behalve de talrijke vaten is er geen stroma te zien, het microscopisch beeld komt overeen met dat van de solide velden van den primairen tumor. De leverkapsel is, voorzoover dat, ondanks de omvouwing van het praeparaat, is te zien, niet aangetast en slechts weinig uitgebocht. Tusschen kapsel en tumor liggen op verschillende plaatsen nog levercellen. In de omgeving van der. tumor zijn de levercellen platgedrukt, gedeeltelijk necrotisch, zoodat de tumor bijna afgekapseld lijkt. De overgang van tumor naar lever is onregelmatig; nergens dringt de tumor diep in de lever door.

Op de grenslijn bestaat een kleine bloeding.

Het leverweefsel vertoont plaatselijk sterke vettige degeneratie en stuwing. Verder worden in de lever een vrij! groot aantal ronde necrotische plekjes gevonden, die door een min of meer pntwikkeld kleincellig infiltraat zijn omgeven. Dit zijn kennelijk recente tuberkels met sterke verkazing.

Ook van de linkerlong is slechts een ijscoupe bewaard, die

Sluiten