Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13% zoowel ijzerhoudende- als ijzervrije bloedkleurstof aangetoond, in ruim 7 % alleen porphyrine, in ruim 24 °/0 alleen ijzerhoudende bloedkleurstof, terwijl in ruim 54% alle bloed- kleurstof in de ontlasting ontbrak.

Wanneer we nu de gevallen van pylorus-stenose ook brengen onder de carcinoom-gevallen, dan komen we tot een percentage van ruim 81, waarbij dus zoowel ijzerhoudende- als ijzervrije bloedkleurstof in de faeces kon worden aangetoond.

Uit het door mij verrichtte onderzoek blijkt duidelijk het groote belang en de groote aanwinst van het spectroscopisch onderzoek der faeces, met name op haematoporphyrine, bij maag- en darmaandoeningen, vooral bij carcinoom of ulcus van maag of darm.

We hebben gezien dat met de gewone chemischereacties zich een soms kleinere, soms grootere hoeveelheid bloedkleurstof aan het onderzoek onttrekt.

Het geregeld vinden van sterke bloedreacties in de ontlasting ondanks dieet en rust pleit meer voor een kwaadaardig dan voor een goedaardig proces. Bij twijfelgevallen heeft men niets aan het van tijd tot tijd aantoonen van kleine hoeveelheden bloed, hetgeen bij een groot aantal ziekten kan voorkomen.

Het niet vinden van de bloedreacties pleit, volgens de meeste schrijvers, tegen carcinoom. Waar nu blijkt dat in 18 % geen ijzerhoudend bloed te vinden was, waar verder over het algemeen niet zoo heel zelden slechts kleine hoeveelheden ijzerhoudend bloed te vinden waren, waar in deze laatste gevallen men alleen door het aantoonen van het haematoporphyrine kan bewijzen dat er een ulceratief proces bestaat, waardoor groote hoeveel-

Sluiten