Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij met olie goed glad gemaakt zijn. Hem langzaam voortschuivende voelt men weldra een elastischen en kloppenden weerstand, die door de valvulae semilunares wordt veroorzaakt. Hier moet men zich met geduld en voorzichtigheid een weg „doorheentasten", en als dat gelukt is, bevindt de punt zich in het hart. Meestal gelukt de proef bij rugligging van den hond; soms hebben wij echter den reeds door Claude Bern ar d gegeven raad gevolgd, en het dier op zijn rechter zijde gelegd.

Ligt de punt van den catheter eenmaal in den linker ventrikel, en is de ballon met 0,5 cm3 water gevuld, dan blijft zij meestal uren lang goed functionneeren. Wordt een enkelen keer bij het inbrengen de ballon beschadigd, b.v. door stooten tegen de valvulae semilunares, dan worden de uitslagen van den manometer reeds spoedig kleiner om ten slotte na eenige minuten geheel uit te blijven. Er moet dan een nieuwe catheter worden ingebracht.

Welke criteria heeft men bij het experiment tot zijn beschikking om uit te maken of de catheter bij het opschuiven zich al in het hart of nog vóór de valvulae semilunares bevindt? Ten eerste kan men den catheter met zijn manometer verbinden en den vorm der kromme nagaan, welke de wijzer dan schrijft. Dikwijls genoeg, bij langzamen hartslag, en zoolang de kromme nog niet atypisch is, kan men reeds aan den wijzer zien, of men met een arteriepols of met een kromme van den intraventriculairen druk te maken heeft. Is die onderscheiding op het gezicht onmogelijk, dan kan de registratie op beroet papier helpen, die echter het nadeel heeft een herhaaldelijke verplaatsing der toestellen noodig te maken.

Veel eenvoudiger en even zeker is het volgende:

Sluiten