Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waar in verband met het zware terrein geen ossenkarren meer gebruikt worden en al het transport per paard gaat, was de uitkomst weer veel minder. Onder 9 mannen en 8 vrouwen vond ik er daar van ieder slechts drie, die het prentje herkenden, terwijl de overigen daar al met even zonderlinge vergelijkingen voor den dag kwamen als hun makkers in de vlakte (vgl. staat VII N°. 7 e, t/m. i).

O. Serie III.

(Om.tr ekfigur en; bijlage 3).

Het laat zich niet ontkennen dat in de vorige series de kleuren, de schakeering van licht en donker — in het algemeen: de afwerking van de prentjes — de menschen vaak in de war bracht, en dat er een sterke neiging bestond de afbeeldingen slechts te beoordeelen naaT de omtrekfiguur, d.i. naar hun vorm. Achteraf ligt dat trouwens ook wel voor de hand, omdat wjj met den vorm van de dingen per slot van rekening nog het best bekend zijn, doordat wij daar behalve optisch, ook tactiel telkens weer indrukken van ontvangen. Dat stemt in zooverre dus goed overeen met wat men bij jonge kinderen reeds eerder had opgemerkt (vgl. blz. 11). Aan den anderen kant beteekent het volstaan met het weergeven van den omtrek natuurlijk tevens een belangrijke schematiseering. Het scheen dus gewenscht hier bij deze 3e serie nog eens wat nader op in te gaan.

Het onderzoek had ditmaal plaats te Soekohardja ± 15 K.M. Z. O. van Solo ten huize van den onderregent, onder overigens precies dezelfde omstandigheden als te Sawahah — omdat het ter laatstgenoemde plaatse moeilijk werd telkens weer het noodige aantal mensehen beschikbaar te krijgen.

Vestigen wij thans eerst de aandacht op staat IX t/m. XII, dan blijkt dat het voor de herkenning van den trekpot en de flesch inderdaad vrijwel overeen uit kwam, pf men alleen den omtrek toekende, dan wel de afbeeldingen wat meer uitwerkte. Dat nam niet weg, dat men bij de laatste toch vrijwel algemeen van oordeel wTas, dat de afgewerkte figuur de werkelijkheid het best weergaf.

Sluiten