is toegevoegd aan uw favorieten.

Experimenteele akinesie van het oog in verband met de behandeling der netvliesloslating

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nadat de observatie in vivo is afgeloopen, zal het pathologisch-anatomisch praeparaat de laatste onthullingen kunnen doen. De vervaardigde coupes werden met haematoxylineeosine en volgens von Gieson gekleurd.

Aan welke eischen moet de in te spuiten stof voldoen?

In den aanvang werd reeds gezegd, dat de beperking der raddraaiing geheel reversibel moet zijn.

De verdere uitbreiding van het onderzoek, zooals hierboven besproken, is noodig, om te kunnen beoordeelen, of de ingespoten stof ook klinische toepassing rechtvaardigt.

Vooropgesteld dient te worden, dat voorloopig van het standpunt moet worden uitgegaan, dat de verschijnselen, die bij het konijn optreden, zich ook bij den mensch zouden voordoen.

De ingespoten stof mag geen blijvende nadeelige gevolgen op den toestand van de weefsels van het oog hebben.

Zeker is te eischen, dat de sensibiliteit der cornea slechts geringe wijziging mag hebben ondergaan, terwijl de oogdruk vrijwel de normale waarde moet behouden.

Een abnorm lage oogdruk moet toch als nadeelig beschouwd worden in het genezingsproces van de netvliesloslating.

De pupil moet zijn oorspronkelijke eigenschappen bezitten. Zou b.v. een abnormale wijdte der pupil worden vastgesteld, dan kan een verlamming van den m. sphincter iridis daaraan ten grondslag liggen. Een laesie van den n. oculomotorius zou in de klinische toepassing een accomodatieverlamming doen optreden en de validiteit van den patiënt belangrijk verminderen

De sterktegraad der verlamming moet voldoende zijn en de tijdsduur zich over verscheidene dagen, liefst weken uitstrekken om bij de behandeling van de netvliesloslating de betreffende stof in aanmerking te doen komen.

Het oogenblik om stoffen, die paralytisch werken of kunnen werken in te spuiten, is nog niet aangebroken. Eerst moet nog de vraag beantwoord worden, wat er gebeurt, indien een vloei-