is toegevoegd aan uw favorieten.

Over de beteekenis van de accomodatie voor het monoculair dieptezien

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lengte, Sc , waarlangs twee dot zwarte schermpjes en S2 verschoven kunnen worden. De achtergrond wordt gevormd door matglas G, dat door lampen gelijkmatig verlicht wordt. Boven de as a is in het voorste scherm V een kokertje K aangebracht, waarvan het van den waarnemer afgekeerde uiteinde door een ovaal diaphragma van i bij 1.50 c.M. middellijn afgesloten is.

Bevindt het linkerscherm zich op de plaats, zooals in de figuur is voorgesteld, dan ziet de waarnemer de eene helft van het ovale diaphragma zwart, de andere helft helder verlicht. De grootte van het diaphragma is nu zoo gekozen, dat de waarnemer verder niets van het toestel ziet. Ten slotte zijn de scalae Sc en Sc' door een (verbindings-) staaf verbonden en wel zoo, dat de twee schermen S en St bij draaiing om de as a nooit gelijktijdig in het gezichtsveld van den waarnemer komen. Bewegingen van het hoofd worden vermeden door een onmiddellijk aanleggen van de omgeving van het oog tegen 't kokertje (k).

Met dit toestel nam Hillebrand twee reeksen van proeven.

Bij de eerste reeks moest de waarnemer aangeven begin, einde en richting der beweging. Het resultaat hiervan was, dat de waarnemers begin en einde absoluut niet en de richting waarin het scherm verschoven werd, afwisselend goed en verkeerd aangaven.

Bij de tweede reeks werd aldus te werk gegaan: de waarnemer stelt zich in op het linker scherm, is dit gebeurd dan wordt om as a het systeem fa, b, Sc, S, Sc', S2, è1) gedraaid, zoodat het linker scherm uit het gezichtsveld verdwijnt en het rechter scherm, doch op een anderen afstand van het oog, in het gezichtsveld komt. De waarnemer moet nu aangeven of het rechter scherm zich dichterbij of verderaf dan het linker bevindt.

Hieronder volgen nu eenige resultaten van deze manier van experimenteeren.