is toegevoegd aan uw favorieten.

Over hydrocephalus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ongeveer den heelen schedel in te nemen; er was nog slechts een uiterst dun hersenschilletje over. Alleen frontaal was de dikte hier en daar nog eenige centimeters. De aquaeductus werd niet gepasseerd, zoodat er absoluut geen lucht in den vierden ventricel en de cisternen kwam.

Vermoedelijk is het voor in den schedel nog aanwezige hersenweefsel verantwoordelijk voor de teekening die er in foto No. 64 te zien is. (Zie foto's No. 61, 62, 63 en 64).

De Wassermannreactie van liquor en bloed waren negatief. Na den ingreep braakte het kind eenige dagen; het gewicht daalde en de toestand werd precair. Zoo bleef het voorloopig tot er ook nog kinkhoest bijkwam. Toen ging het kind langzaam achteruit en stierf. Obductie werd niet verricht.

8. C. v. D., 3y2 maand oud, kwam 1 Januari 1926 binnen. De moeder bracht het kind, omdat reeds van af de geboorte de oogjes zoo vreemd draaiden; ze gingen langzaam in de rondte en dan draaide het kind plotseling met een ruk het hoofd om, alsof het schrok. Stuipen had het nooit. Wel werd het hoofd wat te groot, maar verdere afwijkingen had het kind niet; het dronk goed en had normale luiers. Ook vroeger was het nooit ziek. Het is op tijd geboren; de ouders zijn gezond, miskramen waren er niet en het broertje, dat 6 jaar is, is normaal.

Nu is het kind zeer mager en heeft een groot hoofd; de spiertonus is eerder iets te hoog dan te slap. De schedel vertoont hier en daar verschijnselen van craniotabes. De fontanel is groot en gespannen en er is een duidelijke venenteekening op het hoofd. De oogjes liggen diep, de pupilreflexen zyn niet op te wekken. Nystagmus is positief.

De omtrek van het hoofd werd gedurende den tijd, dat het kind op de polikliniek kwam in een week l1/^ cM. grooter en mat op 10 Februari 46.3 en op 17 Februari 48 cM. Het heeft in dien tijd ook waterpokken gehad, waarvan het echter niet erg ziek was.

Onderzoek van de oogjes: de corneae zijn troebel; rechts bestaat microphthalmus, min of meer het beeld van glioma retinae, maar niet zeker; het zou ook lues kunnen zijn. Links in fundo ook een witte uitpuilende massa: glioom? of lues? of beide? Over het heele lichaam verdeeld zijn veel harde lymphklieren te voelen, zoo b.v. in de hals, de oksels, de armen en langs de thorax.

Op 17 Februari wordt lumbaalpunctie geprobeerd, maar deze mislukt. Op 18 Februari wordt dan door ventricelpunctie 50 cc. helder vocht verkregen, dat onder hoogen druk naar buiten komt. Hierin was de reactie van Nonne positief, die van Wassermann, Sachs Georgi en Meineke negatief. Br waren veel gedegenereerde leucocyten en wat lymphocyten.