is toegevoegd aan uw favorieten.

Handleiding der geneesmiddelenleer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hel kruid met lijnmeel tot pappen.

De syroop, syrupus altheae P. N., 1 ons op mixturen van 12 ons en tot bereiding van likmiddelen.

De bladeren en de bloemen komen als bestanddeel in de species pectoralis voor.

§ 87.

Met de heemst en malva komen in werking overeen:

a. Wolkruidbladeren en bloemen, lierba et flor es verbasci van de verbascum tliapsus V. 1. Scrophularineae, welke in geheel Europa groeit.

Nat. eig. De bloemen n°. 274. De bladen zijn groot, eirond of langwerpig eirond, wollig bleekgroen, zij bezitten eenen slijmachtigen smaak.

Vorm en gifte. In aftreksel of afkooksel in- en uitwendig.

b. Bladeren en bloemen van de hibiscus tiliaceus (waroe) XVI. 10. Malvaceae, welke op Java en omliggende eilanden groeit.

Nat. eig. De bladeren zijn hartvormig, van onderen lichter, witgroenachtig gekleurd. De bloemen zijn geelkleurig met een purpur nectarium of honigbakje.

Bestandd. slijm.

Pliys. werking en geneesk. aanw. geheel met die der althéa overéénkomende, welke zij in de Oost Indien vervangen kan (fromm).

Vorm. In afkooksel in en uitwendig of als bijvoegsel tot pappen.

c. De zaden van de octjmum gratissimum (sellassee) XIV. 1. Thymiaceae, welke op Java en omliggende eilanden groeit.

Nat. eig. Kleine, zwarte, langwerpige meer of min hoekige zaadkorrels, welke in water opzwellen en een blaauwachtig slijm vormen.

Pliys. werking, overeenkomende met de radix altheae.

Geneesk. aanw. wordt vooral gebezigd in piswegontsteking.

Vorm en gift in koud of warm aftreksel ons op 12 oneen water.