is toegevoegd aan uw favorieten.

Handleiding der geneesmiddelenleer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nat. eig. n°. 377.

Bestandd. KO, C4 H4 05 + Sb, 0„ C4 H4 05 + HO. Phys. werking zie de vorige §.

Geneesk. aanw. Inwendig

1. In kleine gif te bij

a. Gestoorde maagwerking, door gewijzigde afscheiding vooral bij gastrische koorts (makcus).

b. Verschillende koortsen, om de afscheidingen te bevorderen (horn).

c. Slepende zinkingachtige ontsteking der luchtwegslijmvliezen (richter).

2. In middelbare gif te bij

a. Verschillende ontstekingen, vooral longontsteking (peschiey).

b. Hartzaksontsteking, borstvliesontsteking en hersenvliesontsteking.

c. Zeer snelverloopend rheumatismus (delpech).

d. Keelslijmvliesontsteking (bourgois).

e. Dronkaardswaanzin (barkhausen, berndt, volkmer, greeve).

f. Verschillende zielsziekten, miltzucht, zelfs vrijsterziekte en epilepsie (richter, lessing).

g. Herstelling van ontwrichtingen, been- en darmbreuken. 3. In volle gifte bij

Al die gevallen waar in de maag bevatte stoffen spoedig door braking moeten verwijderd worden, en waar tevens de opvolgende prikkelende werking op de darmen en daardoor veroorzaakte buikloop niet vermeden moeten worden, of zelfs aangewezen zijn, b. v. bij aanwezigheid van onverduwde stoffen in maag en darmen en daarenboven bij

a. Tusschenpoozende koorts bij het intreden van den aanval, somtijds na eene vooraf bewerkstelligde aderlating (reich).

b. Den aanvang van door besmetting ontstane ziekten, b. v. scharlakenkoorts (sydenham, stoll, stieglitz, enz).

c. Stremselvormende strottenhoofdsontsteking (hegewisch). 4. In groote gifte bij

30