is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdragen tot de geneeskundige topographie en statistiek van Gouda

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De provincie Vriesland had in het jaar 1814: 14847 gealimenteerden op eene bevolking van 129,549 zielen, bijna 11 van 100. Van 1819 tot 1830, bijna 10 van 100. Van 1831 tot 1836, bijna 11 van 100. Van 1833 tot 140, bijna 11 van 100. 1840 gealimenteerde 27841 ruim 12 van 100.

De bevolking van Vriesland, bedroeg in het jaar 1840, 227,859. In den tijd van 126 jaren is diensvolgens de bevolking vermeerderd met 98,320 zielen, terwijl het getal der gealimenteerden niet 1 op 100 heeft toegenomen (*).

De aangehaalde daadzaken en eene veertigjarige opmerking en ondervinding leiden mij tot het besluit: a. Dat te Gouda het getal der bedeelden de gewone, voor het koningrijk der Nederlanden geldende, evenredigheid verre overtreft. b. Dat, niettegenstaande jaarli jks eene grootere som wordt bedeeld, de armoede toeneemt, of liever, dat het getal der bedeeling verlangenden en der bedelaars vermeerdert, naarmate veel gegeven wordt. [In de roomsche landen, waar de geestelijken en de kloosters rijk zijn, vindt men veel meer bedelaars dan in de protestantsche landen; men vindt dit ontwikkeld in de verhandeling van Villers, door het Instituut van Frankrijk bekroond ("j")]. c. Dat de inrigting van ons Armbestuur geenszins doeltreffend mag genoemd worden.

(*) Konst- en Letterbode, n°. 25, pag. 398. 1811. (f) C. Villers, proeve over den geest en invloed der kerkelijke Hervorming van Luther, Zeijden , H. J. Honkooi1 . 1805.

6