Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor met verzachtende kruiden of zemelen. Eene bijzondere behandeling vereischen de ontvelde plaatsen van de huid. Men mag dezelve niet opdroogen, maar moet trachten ze door wasschen met zemelen - en zeepwater zuiver te houden, Waar de afscheiding zeer rijkelijk is , gebruikt men middelen , welke de afgescheiden stof opzuigen , zonder de afscheiding te beperken; b. v. Sem. lycop. of tot fijn poeder gemaakte Magnesia. Mogten de ontvelde plaatsen door loodbereidingen opgedroogd zijn geworden , waar alsdan de verschijnselen van cardialgia en eclampsia voorkomen, zoo moeten dezelve door het Ung. cort. mezer. ten spoedigste wederom geopend worden. Om onmiddelijk op de nieren te werken, en de krampachtige aandoening van dezelve te overwinnen , is het Sem. lycop. zeer doeltreffend ; het vermindert de prikkelbaarheid der nieren, zonder het zenuwstelsel der kinderen zoo nadeelig aan te doen, als de verdoovende middelen; men geeft dezelve in groote giften met slijmige middelen (schönlein).

Incontinent ia urinac nocturna.

Deze ziekelijke toestand schrijven eenigen , b. v. boter , aan verkeerde gewoonten, anderen, b. v. iïell , aan eene verkeerde ligging in bed toe; anderen wederom, b. v. r. frank, willen een' erfelijken aanleg opgemerkt hebben. Dezelve komt meestal bij kinderen in het tijdperk tusschen de eerste en tweede tandvorming voor, of, hetgeen evenwel zeldzamer is, van deze tot den tijd der geslachtsrijpheid, en meer bij knapen dan bij meisjes. Ofschoon deze ziekte op zich zelve en in betrekking tot den algemeenen gezondheidstoestand van het voorwerp van weinig belang is, zoo is zij evenwel dikwijls aanmerkelijk genoeg door het physisch ongemak en het lijden van de gemoedsstemming, welke zij den daaraan lijdenden kinderen veroorzaakt. Want onkundige opvoeders en verharde ouders doen de gevolgen dikwijls ernstig worden door de wreede en onverdiende tuchtiging, en de verachting en spot, welke zij het ongelukkige, daaraan lijdende kind doen ondergaan. Volgens de meening der meeste schrijvers hangt de bedoelde kwaal van de grootere prikkelbaarheid af, welke den jeugdigen leeftijd eigen is.

Willis (Die Krankheiten des Harnsyst. aus dem Englischen, Eisenach J84J. S. 369) spreekt deze meening tegen : »Zulk eene prikkelbaarheid ," zegt hij , »zoude niet alleen de spiervezelen van den detrusor urinac aandoen , maar ook die van den sphinctcr , en daardoor zoude het evenwigt hersteld zijn. Bij deze soort van onwillekeurige pislozing zijn veeleer de af- en uitscheiding gelijktijdig ziekelijk ; de drang tot pislozing is niet alleen veelvuldiger en sterker dan in den gezonden

Sluiten