Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oestand van de pisbuis, met olij te maten, om daardoor deszelfs loslating en uitdrijving te bevorderen.

^ TV at aangaat de geneeskundige behandeling tegen de witte, zandige pis, bij kinderen voornamelijk uit phosphorzure kalk bestaande, zoo "is de hier passende leefregel geheel dezelfde als boven bij de roode, zandige pis opgegeven. De onthouding van stikstof bevattende voedingsmiddelen , is ook hier aangeraden, daar aangetoond is geworden, dat uit de pis van vleeschvretende dieren , zeer korten tijd, nadat zij aan dezen leefregel waren onderworpen geworden, de phosphorzure zouten verdwenen, welke dezelve vroeger bevatte, voor dat deze proef genomen werd. Het andere middel is liet gebruik van, met koolstofzuur bezwangerde dranken, welke, wanneer de zieken deze in groote hoeveelheden gebruiken, de hoeveelheid van pis vermeerderen en door het koolstofzuur tot de oplossing van de phosphorzure kalk medewerken (meissner, t. a. pl.).

Parochidium.

Bij plaats hebbende onjuiste verhouding tusschen den bal en den buikring, wordt de doorgang van den eerste door den laatste somwijlen tegen gehouden, en er ontstaat in de liesstreek eene opzwelling , welke bijzonder pijnlijk is, wanneer, bij eene sterkere beklemming of verkeerde uitwendige behandeling, zoowel de bal als deszelfs omtrek in eenen ontstekingachtigen toestand gebragt wordt (orekitis neonatoriim). Onder zulke omstandigheden is het kind zeer onrustig, schreit aanhoudend, trekt de beenen tegen den buik op , perst voortdurend naar onderen, als bij aandrang tot ontlasting, de uitwendige aanraking veroorzaakt veel pijn , en aan de zijde van het gezwel vindt men in den balzak geen' bal.

fe diagnosis is niet altijd gemakkelijk. Henke verhaalt verscheidene gevallen, waarin deze kwaal met eene liesbreuk of met een kliergezwel verwisseld werd. Zelfs het ontbreken van den bal aan de zijde van het gezwel is nog geen bepaald zeker teeken, dat dit door den , in den buikring tegen gehoudenen bal veroorzaakt wordt.

Dubourg (Journ. univ. et hebdom. I, p. 363) zag in de kliniek van b01er en roux een' elf-jarigen knaap, bij welken in de liesstreek een wee gezwel, ter grootte van een hoenderei, aanwezig was. Daar toeva ig bij dezen knaap slechts één bal in den balzak zich bevond , zoo meenden verscheidene artsen, dat het gezwel door een' in den buikring teruggehouden bal gevormd werd; alleen roüx herkende gedeeltelijk aan te llaauw waar te nemen vochtgolving van liet gezwel, gedeeltelijk echer aan deszelfs doorschijnendheid , wanneer hij eene brandende waskaars ac iter liet gezwel hield, dat de kwaal in ccne, zich in het lieskanaal bevindende hydrocele bestond.

Sluiten