Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aetiologia. De voorbeschikkende oorzaak ter opneming Van het pokkengift, is in eene eigenclommelijke, allen mcnschen- en voornamelijk den kinderlijken leeftijd eigene vatbaarheid gelegen , wier graad door de inwendige organische verhouding, dikwijls door eenen aanleg der familie eigen en door het zamentrelTen van bijzondere invloeden van klimaat- en luchtsgesteldheid bepaald wordt. Deze aanleg bestaat zelfs bij het nog niet geboren kind ; men heeft kinderen met pokken en lidteekenen van pokken ter wereld zien komen , hetzij de moeder gedurende de zwangerschap de pokken gehad had al of niet. Overigens bestaan er meerdere aandoeningen, welke den aanleg tot pokken min of meer verzwakken; hiertoe belmoren voornamelijk eenige chronische uitslagziekten. De gelegenheids oorzaak kan alleen in de besmetting gezocht worden.

De vatbaarheid voor de pokken wordt het zekerste door de eenmaal doorgestane ziekte verdelgd ; rayer gelooft, dat de verhalen van herhalingen aan verwisselingen met varicel/ae moeten toegeschreven worden. Sujfoellv geeft het tweemaal voorkomen van de pokken toe, beweert evenwel , dat de ziekte bij personen , welke dezelve eenmaal gehad hebben , alleen plaatselijk voorkomt ; reuss is van dezelfde meening. Er zijn evenwel enkele , voorzeker zeldzame gevallen , van de ten tweedemale aandoening der volledige pokken bekend geworden. Zoo verhaalt oitert (Ilusfs Magaz. Bd. XXX. lift. 2. S. 262) een geval van teruggekeerde natuurlijke menschenpokken met eenen doodolijken afloop bij een meisje, hetwelk de kenmerkende lidteekenen der pokken had. Yolgens v. pommer (Clarus u. Radius , fVöchentliche Beilrage u. s. w. YVo. J6. S. 255) schijnt het, als of in enkele gevallen, bij welke in den Vroegeren kinderlijken leeftijd slechts een gering aantal menschenpokken bijeen voorwerp te voorschijn kwam , zulke in latere jaren des te ligteï ten tweeden male door deze uitslagziekte aangedaan worden , even als of de vatbaarheid voor en de terugwerking tegen de smetstof der eerste keer, door de weinige pokken niet geheel weggenomen was.

De over het algemeen ongunstige prognosis, rigt zich voornamelijk naar het karakter van de koorts , naar de zamenstellingen , naar den aard van de heerschende epidemie , en naar den ouderdom en het gestel van den zieke. De pokken met een gematigd ontstekingachtig karakter, zijn het meest goedaardig; bij hoogeren graad van ontsteking, kunnen dezelve door bijkomende inwendige ontstekingen gevaarlijk worden ; het gevaarlijkst zijn de pokken met een zenuw- of rotachtig karakter. Als gevaarlijke zamenstellingen , worden de tijdperken van ontwikkeling in den kinderlijken leeftijd , door eenige artsen ook de wormen zeer gevreesd. Den tijd van het 4ae tot het 1411® levensjaar, houdt ROsenstein voor de pokken den gunstigsten ; anderen beperken deze tijdruimte van het 3de tot het 10:Ie levensjaar. Men nam vroeger aan , dat bij blonde kinderen de pokken een zachter verloop hadden , en voorzeker is eene weeke en slappe huid voor het ongestoord uitbreken veel

Sluiten