Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

karakteristiek ziektebeeld. In vele gevallen komt het echter vroeger of later tot het overgrijpen der ontsteking van de eene laag op de andere, zoodat ten slotte het geheele orgaan ziek wordt. Het langst blijft het de binnenzijde bekleedende slijmvlies van de ziekte geïsoleerd.

De ontsteking van het baarmoederslijmvlies of baarmoedercatarrhe doet zich buitengewoon dikwijls voor en vormt de meest verspreide vrouwenziekte. Zij kan verschillende oorzaken hebben: circulatiestoornissen der bekkenorganen, onanie, geslachtelijke overprikkeling, voorafgegaan kraambed, binnendringen van bacteriën van uit de scheede, bijvoorbeeld door onvoldoende zindelijkheid gedurende de maandstonden. Gewoonlijk sluit zij in laatstgenoemd geval aan bij eene reeds aanwezige scheedeontsteking (scheedecatarrhe). Van de infectieuze oorzaken komt de grootste beteekenis aan de gonorrhoe (druiper) toe, die over het algemeen in het vraagstuk der vrouwelijke onderlijfsziekten eene noodlottige rol speelt.

Er moet hierbij uitdrukkelijk worden opgemerkt, dat catarrhale ziekten der baarmoeder zich volstrekt niet alleen bij vrouwen met geslachtelijken omgang voordoen, doch ook bij maagdelijke personen. Uit de reeks verschillende oorzaken blijkt dit feit geheel van zelf. De schrijfster heeft echter zoo vaak de ondervinding opgedaan, dat eene catarrhale ziekte bij jonge meisjes van ongetwijfelde maagdelijkheid de verdenking op sexueele oorzaken gaande maakt, dat eene bizondere herinnering aan het voorkomen van zulke gevallen noodzakelijk blijkt.

Al naar gelang bij de baarmoedercatarrhe het bovenste of onderste deel — lichaam of hals (cervix) — ziek wordt, zijn de symptomen. Het meest vertoont zich de laatstgenoemde vorm, de zoogenaamde cervixcatarrhe. Zooals bij de scheedecatarrhe, is ook haar hoofdkenmerk de vloeiing, die echter niet dun vloeibaar, maar taai en glazig is, vaak van een vieze bruinachtige kleur. Niet zelden heeft zij eene zoodanige vastheid, dat zij zich laat rekken als gummi en bij het uitvloeien uit de scheede nauwelijks afgeveegd kan worden. Daarbij komt allengs een dof brandend gevoel van pijn in het onderlijf, dat somwijlen ondragelijk wordt. Ook pijnen in het kruis plegen zich te vertoonen.

De kwaal is steeds langdurig (chronisch) en werkt erg ongunstig op het algemeene welzijn. De aanhoudende vloeiing beteekent bij een langer bestaan toch een bepaald verlies van sappen en krachten en doet de vrouwen zeer verzwakken. Gebrek aan eetlust, matheid, sterke nerveusheid en de vrees voor eene boosaardige inwendige kwaal zijn de gewone begeleidende verschijnselen.'

Besluiten de vrouwen eindelijk, geneeskundig advies in te winnen, dan vertoont de plaatselijke bezichtiging door den scheede-

Sluiten