Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoodat het niet noodig is, daarop verder m te gaan. Daarentegen is het noodig aan de verzorging van het ingeente kind gedurende den tijd der ontsteking eenige woorden te wijden.

De door eene kleine snede in de huid ingespoten vloeistof veroorzaakt spoedig eene plaatselijke ontsteking, die de inentingspokken verwekt. Het armpje zwelt op, wordt rood en heet en veroorzaakt zichtbaar pijn. Onrust, koorts, slecht slapen, gebrekkige eetlust en gestoorde spijsvertering zijn de gewone verschijnselen, die het kind meer of minder aantasten. Het moet derhalve in dezen tijd zeer verzorgd en zeer voorzichtig behandeld worden. Vooral de 6e—8e dag na de inenting brengt de crisis. Dan vermindert deze echter, de etterpuistjes verdrogen langzamerhand en het kind herstelt zich gewoonlijk zeer spoedig.

Opdat het kind geen schade van de kunstmatig veroorzaakte ontsteking ondervinde, is het niet alleen noodig, dat men daarop acht geeft, doch ook om het tijdstip der juiste ingrijping uit te kiezen. Zwakke en slecht doorvoede, rachitiesche en zulke kinderen, die aan huiduitslag lijden, moeten zoolang van de inenting verschóond blijven, totdat hun gezondheidstoestand dit veroorlooft. Worden de ouders van zulke kinderen officieel voor de inenting opgeroepen, dan moeten zij geneeskundig advies inwinnen, of en wanneer de inenting zonder gevaar voor het kind kan plaats vinden.

Bestaat er tegen het inenten geen bezwaar, dan moet ervoor gezorgd worden, dat de daarop volgende tijd zooveel mogelijk ongestoord voorbij gaat. De levenswijze van het kind behoeft niet veranderd te worden, zoodat voeden, wasschen en baden op dezelfde wijze worden voortgezet. Alleen moeten de plaatsen, waar ingeënt is, bij het wasschen zeer ontzien worden, om het openkrabben te vermijden. Voor de reiniging gebruikt men een schoon stuk watte, dat na het gebruik wordt ■weggeworpen. Wie de inentingspokken aanraakt, moet zich tevoren en daarna goed de handen wasschen. Over het algemeen is het zaak gedurende den geheelen tijd der inenting de grootste reinheid voor kind en verpleegster in acht te nemen.

De inentingspokken moeten koel en droog gehouden worden, opdat zij goed opdrogen, want de korstjes, die ze bedekken, zijn de beste voorzorg tegen schadelijke invloeden van buiten. Het beste is die plaatsen met zacht linnen te omwinden. Het door de zoogenaamde kwakzalvers aanbevolen middel om vochtige verbanden aan te leggen, is zeer ongeschikt, daar zij de pukkels zacht maken en doen barsten, zoodat dit niet zonder invloed op het proces der inenting blijft. Ditzelfde geldt voor verbanden met zalf. Tegelijk moet ervoor gezorgd worden de ingeente plaatsen tegen drukken en stooten te beschutten, in 't algemeen

Sluiten