Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het moet den kinderen reeds in de vroegste jeugd worden ingeprent, dat dieren evengoed pijn gevoelen als menschen, en dat men uit hun stilzwijgend verdragen niet de gevolgtrekking mag maken, dat men vliegen en kevers geen pooten mag uittrekken, kapellen en torren niet

levendig aan een naald mag prikken— kortom, dat men geen enkel

levend wezen mag kwellen. Deze verbodslijst is in 't oneindige uit te breiden, want in werkelijkheid is er geen dier, dat zijne kennismaking met menschen niet met duizend kwellingen moet betalen.

De strijd tegen het folteren der dieren kan slechts een goed ge^>lg hebben, als deze niet slechts van overheidswege wordt gevoerd, doch ook door het zedelijk gevoel en het medelijden der menschen met de gefolterde wezeiis wordt ondersteund.

Moeten kinderen gedurende de schooljaren extra arbeid verrichten en veel verstrooiing hebben? ^ ele ouders zijn gevoelloos genoeg hunne kinderen behalve het schoolwerk ook nog andere studieën op te dragen, welke voornamelijk op het volmaken tot kunstenaar betrekking hebben. Het behoort tot „opvoeding" en „goeden toon" om de kinderen muziekles te geven, onverschillig of zij talent hebben of niet. Het gevolg is, dat de door de school reeds rijkelijk in beslag genomen tijd nog kleiner wordt, dat de vrije uren steeds minder worden, en dat de kinderen de nieuwe vermeerdering van arbeid met misnoegdheid en onlust verdragen. Het is duidelijk, dat een zoodanige dwang geen degelijk resultaat kan hebben, de talrijke piano- en vioolstumpers leveren daarvoor het bewijs. Slechts in enkele gevallen wordt werkelijk kunst bereikt, als namelijk werkelijk talent aanwezig is. Wie het idéé niet kan laten varen, dat muziekonderricht tot de volmaking behoort, moet er ten minste tijdig mede ophouden, als het blijkt, dat het kind er noch aanleg, noch lust toe heeft. De gedwongen opleiding tot muziek lecren is voor alle betrokkenen — nog meer echter voor de niet betrokken toehoorders — een plaag en kwelling, zoodat het beter is spoedig daaraan

een einde te maken.

Ook van verstrooiingen — naar den geest van volwassenen opgevat — doet men beter de kinderen af te houden. Hunne natuui lijkt vermaken — spelen, wandelingen, lectuur — bieden hun -zooveel stol tot afwisseling, dat de verstrooiingen der ouderen slechts noodlottig zijn. Theaters en concerten, als zij niet uitdrukkelijk voor kinderen bestemd zijn, passen in 't geheel niet voor hen, daar zij de gewone orde verbreken, de kinderen dikwijls zeer opwinden en hun rustige slaap storen. Vóór het 12° jaar mag men kinderen in het algemeen in geen openbare schouwburg meenemen, ook niet op sportplaatsen, daar dit zeer opwindend op kinderen werkt.

Sluiten