Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blijken kan uit de hardnekkigheid van het braken en uit de groote hoeveelheid slijm, die bij dit braken voor den dag komt. Men overwege evenwel steeds, of er geen redenen zijn om te vreezen, dat men met het inbrengen van de maagsonde eenig kwaad kan doen, zooals het geval is bij een gastritis, die een gevolg is van het inslikken van bijtende stoffen (zie deel I, intoxicaties, blz. 318). Nadat de maag gedurende 24 uur rust heeft gehad, geeft men weer eenig voedsel. Voor jonge kinderen kan men dan het beste kiezen de groentenbouillon, die men bereidt van: 1 ons aardappelen,

1 ons wortelen,

1 ons groene groenten,

die men fijn snijdt en met 2 liter water opzet en laat koken, totdat er de helft over is, onder toevoeging van een weinig zout (2 a 3 gram). De eerstvolgende dagen laat men dan wat meel in de vloeistof koken (30—50 gram) en voegt gaandeweg wat melk toe, die men aanvankelijk laat afroomen.

Bij oudere kinderen geeft men daags, nadat men heeft laten vasten een bordje bouillonsoep, wat beschuiten en de volgende dagen wat water en melk te drinken met geroosterd witte brood, om geleidelijk over te gaan tot een weinig aardappelpuree, wat kalfsvleesch en pap van water en melk.

Het is van veel belang, dat men bij het voorschrijven van de voeding nauwkeurig rekening houdt met de smaak van het kind, en dat men aanvankelijk, zoolang het kind nog weinig eetlust heeft vooral niet met dwang tracht het eten te laten nemen. Veeleer moet men juist trachten allereerst de eetlust op te wekken, en eerst, wanneer het kind zelf weer om eten vraagt, de voeding vermeerderen.

Men kan dit doel in vele gevallen sneller bereiken, wanneer men het kind medicamenten voorschrijft. In de eerste plaats komt in aanmerking om te geven bicarbonas natricus (1—5 gr. dd.) of alkalisch mineraalwater (Contrexéville, Badoit, Vichy, e. a.), waarvan men verwachten mag, dat het de slijm tot oplossing brengt. Spoedig geve men daarna: zoutzuur en pepsine. Dit kan men toedienen in den vorm van pepsine-zoutzuur (Grübler), dat men aan jongere kinderen druppelsgewijs in water geeft (3 X daags V—XV druppels) of ook als julapium bijv.:

Acid. hydrochlorici dilut. 2 Pepsini 500 mgr.

, Aquae 200.

Sir. Rubi Idaei 25.

M. D. S. 3 d. d. 1. c.

Sluiten