Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tafel ligt met een zeer klein kussentje onder het lioofd. De beenen zijn niet geheel gestrekt, soms is het zelfs gemakkelijker als ze in knie en heup geheel zijn gebogen. Men palpeert door de geheele vlakke hand op de buik van het kind te leggen, waarbij men moet zorgen de pols te laten zakken om te voorkomen, dat men met de vingertoppen de buik indrukt in plaats van met do geheele hand. Als de hand eerst rustig op de buik ligt, ontspant het kind weldra de buikwand en kan men door heel zacht indrukken gemakkelijk de leverrand voelen. Moet men de hand verplaatsen dan zal men deze altijd eerst rustig neerleggen en daarna pas de buikwand indrukken. Is het kind daartoe oud en verstandig genoeg, dan kan men het laten zuchten en zal men de palpatie nog gemakkelijker kunnen doen, omdat men de hand niet meer behoeft te verplaatsen en do buik nauwelijks behoeft in te drukken. Het is noodig, dat men bij de beoordeeling van de resultaten dezer palpatie rekening houdt met de relatief groote afmetingen van het orgaan bij jonge gezonde kinderen. Bovendien zal men steeds moeten bedenken, dat een lage stand van de onderste leverrand ook veroorzaakt kan worden door een naar beneden dringen van het orgaan, zooals bij kinderen met rachitis en thoraxmisvorming dikwijls voorkomt. Bij de palpatie zal men tegelijkertijd letten op de consistentie van het orgaan, en op den vorm van den rand en van het oppervlak.

Om de grootte van het orgaan nauwkeuriger vast te stellen, moet men door percussie de bovenste rand bepalen. Slechts bij uitzondering is het noodig deze methode van onderzoek toe te passen om de onderrand te bepalen. Men moet dan trachten door zeer zachte percussie uit te maken, waar de tympanitische darmtoon ietwat gedempt klinkt door de tusschengeschoven dunne leverrand, en zal dus van onder naar boven percuteeren. Voor de bovenste grens moet men in de mamillairlijn, in de axillairlijn en in de scapulairlijn van boven naar beneden percuteeren en de grensstreep zetten op de plaats, waar de toon van gedempte longtoon in volkomen doffe toon overgaat; daarbij wordt dus het dunne stukje long gepercuteerd, dat zich tusschen lever en thoraxwand inschuift, en dat des te dieper reikt naarmate het kind dieper zucht. Men zal bij kinderen meestal de grens vinden aan de 5e rib of in de 5® intercostaalruimte in de mamilairlijn en dikwijls staat de grens in de axillairlijn iets hooger dan voor en achter.

AETIOLOGTE.

De oorzaken voor het ziek worden van de lever zijn zeer vele en velerlei. Orgaan van afweer van schadelijkheden, belast met

Sluiten