Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bijnier afhangen maar veeleer van de uitgebreidheid der destructie. In dierproeven bleek T'T van de totale klieren voldoende te zijn om de verschijnselen der insufficiëntie niet te doen optreden. Toch is uit den aard der zaak een chronische ziekte, zooals tuberculose meer de oorzaak van een chronische hypoepinephrie, zooals de ziekte van Addison is en zal een acute bijnier-insufficiëntie meer veroorzaakt worden door een acute ziekte.

Behalve een congenitale, aplasie en hypoplasie, welke laatste bij anencephalus en hydrocephalus is gevonden kunnen de meest verschillende afwijkingen van de bijnieren voorkomen. Men kan als oorzaken daarvan opsommen de intoxicaties met lood, alcohol, sublimaat, phosphorus, de acute infectieziekten zooals diphtherie, scarlatina, sepsis, febris typhoïdea enz. de chronische infectieziekten zooals syphilis, tuberculose en zelfs parasitaire ziekten als echinococcose of actinomycose, en de tumoren.

Hiervan kunnen de adenomen en carcinomen soms hypercpipephrie veroorzaken als ze van de schors uitgaan, en komen verder voor sareomen, fibromen, lymphomen, angiomen enz. als primaire tumoren benevens do metastasen van tumoren op andere plaatsen (nier) in de bijnieren. Als afzonderlijke umor uitgaande van het chromaffiine stelsel worden nog beschreven de paragangliomen1). r

De afwijkingen, die door deze intoxicaties en infecties worden teweeggebracht zijn van de meest verschillende aard. Men ziet allerlei degeneraties en ontstekingen naast bloedingen, infarcten atrophie, sclerose en verkalking. Ook plaatselijke hyperplasie met adenoomvorming komt bij chronische ontsteking voor.

PATHOGENESE.

Door een onderzoek van het bloed, dat door de vena suprarenalis uit de bijnier stroomt, is gebleken, dat de bijnier voortdurend adrenaline secerneert. Men heeft daaruit afgeleid, dat de lage bloedsdruk en slappe pols bij ziekten van de bijnier het gevolg is van de afwezigheid der normale adrenaline-secretie. loch is het eenigszins aan twijfel onderhevig, of deze eenvoudige verklaring wel geheel juist is, want het schijnt vast te staa^, dat het niet de adrenaline is, die de bloedsdruk regelt2) bij gezonde individuën.

Overigens wordt de asthenie, spoedige vermoeidheid en spierslapte toegeschreven aan een ophooping van die stoffen, die bij de spieifunctie ontstaan en die door de gezonde bijnieren onschadelijk moeten worden gemaakt.

') Lucien et Parisot, Gleande, aurrénales et organes chromaffines. Paris 1913. 2) Journal de physiologie et de pathologie générale 1918.

Sluiten