Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sommige koolhydraten veel beter door de diabetici worden verdragen dan andere. Dit geldt in het bizonder van aardappelen en van havermout, waarvan herhaaldelijk grootere hoeveelheden verdragen worden dan van andere koolhydraten. Bizonder slecht is meestal brood, iets minder slecht rijst, sago en derg. Ook laevulose en honig wordt in grootere hoeveelheden goed verdragen. Melk is meestal slecht, tenzij men suikervrije melk geeft (ook eiwitmelk kan gebruikt worden). In deze opsomming is slechts rekening gehouden met de invloed der verschillende hoolhydraten op de glucosurie.

Wanneer het kind, dat diabetes heeft, weinig neiging tot acidosis heeft, zooals blijken kan uit het feit, dat zelfs bij geringe glucosurie alle acetonurie uitblijft, dan zal men het kind vrij groote hoeveelheden vet kunnen geven in den vorm van boter, van spek, van vette kaas, of van oliehoudende zaden (olienoten en derg. of van de olie zelf), maar men doseere geleidelijk onder geregelde controle van de acidosis, die gemakkelijk door de vettoediening kan worden verergerd. Indien het vetrijke voedsel goed verdragen wordt, dan zal men er bij diabetes-patiëntjes gebruik van maken, omdat het daarmee gelukt om de voedingstoestand van het kind te verbeteren. Evenwel bedenke men, dat vetrijk voedsel bij kinderen vrij spoedig een acute indigestie kan veroorzaken.

Het is steeds noodzakelijk om te zorgen dat de hoeveelheid eiwit die het kind krijgt, voldoende is, maar men moet wederom zeer voorzichtig te werk gaan als men een te kort aan koolhydraten in het voedsel door eiwit gaat vervangen. Allereerst kan daarvan het gevolg zijn, dat de glucosurie weer toeneemt, omdat het kind ook uit eiwitstoffen glucose vormt. Maar bovendien bestaat het gevaar voor een rottingsdiarrhoe. In den regel is er duidelijk verschil tusschen het eene en het andere eiwitrijke voedsel. Nu eens wordt eieren, dan weer vleesch, dan weer caseïne beter verdragen, zonder dat men in elk geval van tevoren voorspellen kan, welk eiwit de voorkeur verdient. Men moet ook hiérbij weer tastenderwijze trachten het beste te vinden. Men kan ongeveer altijd vrij veel groente aan diabetici toestaan. Het beste zijn de bladgroenten zooals sla, spinazie, andijvie en derg. Niet geheel af te keuren zijn ook bloemkool, asperges, die door het koken veel koolhydraten verliezen. Evenzoo kan men meestal sinaasappelen, perziken wel toestaan in kleine hoeveelheden.

Bij de keuze van het voedsel zal men zich dus laten leiden door de wensch om de hyperglycaemie te verminderen en het verlangen de acidosis verre te houden. Beide wenschen zijn meestal moeielijk te vereenigen, omdat koolhydraattoediening de

Sluiten