Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ter en is over de geheele thorax en ook op den rug te hooren. Zijn sterkste intensiteit heeft het geruisch in de 30 intercostaalruimte naast het sternum. Daar voelt men ook een duidelijk frómissement. Het geruisch wisselt weinig, blijft steeds van dezelfde intensiteit en karakter. In enkele gevallen is een hypertrophie van de rechter ventrikel vastgesteld en dan was er — misschien door vermenging van arterieel en veneus bloed — ook eenige cyanose, maar het is hoogstwaarschijnlijk, dat deze hypertrophie van het rechter hart niet bij de ziekte behoort en óf door longafwijkingen óf door een atresie van de longarteries veroorzaakt wordt.

Tegenover deze aangeboren afwijking van het hart, waarvan de beteekenis voor het kind gering is, staat het klinische ziektebeeld van de maladie bleue, de morbus coeruleus, die op het eerste gezicht te herkennen is, en die het kind al in zijn eerste levensjaren tot een invalide maakt.

Men vindt daarbij als meest opvallend verschijnsel een sterke cyanose van de huid en zichtbare slijmvliezen, die zoo intensief kan zijn, dat alleen uit de graad van de cyanose, die contrasteert met de geringe duidelijkheid van de verschijnselen van een insufficientia cordis, het bestaan van een aangeboren hartaandoening reeds kan worden afgeleid (zie diagnose). Door huilen en beweging wordt de cyanose duidelijker. Ook trommelstokvingers en -teenen (zie fig. 94) ontbreken in de ernstige gevallen zelden. Het kind is spoedig kortademig, heeft last van hartkloppingen en terwijl deze verschijnselen eerst alleen bij lichaamsbeweging optreden, ziet men ze spoedig ook, als het kind rust houdt. Bij zuigelingen merkt men op, dat het zuigen spoedig vermoeit, dat ze telkens de tepel loslaten, eenige tijd kortademig zijn, waarbij ze neusvleugelademen kunnen vertoonen. Vaak vermijdt reeds de zuigeling heftig te huilen, omdat hem dit benauwd maakt. Oudere kinderen zijn stil en kalm, omdat ze de onaangename sensaties, die elke inspanning hen bezorgt, vreezen.

De huid van deze kinderen, die zoo paarsblauw is, voelt bijna altijd koud aan, vooral aan de extremiteiten. Daarbij is het kind meestal erg gevoelig voor kou.

In den regel blijft een kind met een dergelijke ernstige vorm van een aangeboren hartgebrek achterlijk in zijn lichamelijke ontwikkeling. Men kan zelfs van een infantilisme door aangeboren hartgebrek spreken. Het kind blijft klein, heeft slappe spieren, heeft een nauwe thorax, die vaak laterale indrukkingen vertoont en dikwijls een scoliose. Ook de puberteit laat op zich wachten. Soms is ook de psychische ontwikkeling achterlijk en is het kind

Sluiten