Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3° intercostaalruimte, maar bijna altijd is het boven de aorta in de intercostaalruimte rechts naast het sternum beter te hooren dan links boven de art. pulmonalis. Daar is ook het frémissement te voelen. Veelal is er een veel zachter systolisch geruisch ook aanwezig.

Tengevolge van het terugstroomen van bloed na elke systole, wordt de vulling van de kamer te groot. Bovendien krijgt het hart meer werk, omdat het voor een deel Sisyphusarbeid verricht. Hierdoor ontstaat een hypertrophie van de wand van den linker ventrikel. Zoolang de mitralisklep functioneert, is er geen storing in de kleine circulatie.

Door de sterke vulling van de kamer is de le toon aan de punt verzwakt.

De pols is bij de aorta insufficiëntie zeer karakteristiek. Men voelt, dat deze celer is, meestal vrij groot en wat te frequent. Bovendien pulseeren de arteries aan den hals sterk, en is dit ook zichtbaar aan de kleinere arteries. Soms kan men gemakkelijk een capillair pols zien aan het nagelbed of na wrijven van een roode vlek op het voorhoofd, die bij elke systole grooter wordt. Ook hoort men bij auscultatie van de art. femoralis een dubbeltoon, terwijl men bij matige druk van het stethoscoop een dubbelgeruisch (Duroziez) kan opwekken. Toch zijn bij kinderen deze verschijnselen niet zoo duidelijk als bij volwassenen.

8. CONCRETIO PERICARDII.

Het is een der moeilijkste diagnoses om uit te maken of er een concretio pericardii bij een kind bestaat.

Wanneer men weet, dat een kind tijdens een infectieziekte een acute pericarditis gehad heeft, is men meestal wel in staat om de blijvende gevolgen daarvan te herkennen. Maar moeilijk is het om te zeggen of bij een kind met duidelijke symptomen van een hartinsufficientie vergroote lever, oedemen enz., meer symptomen berusten op een concretio pericardii.

Feitelijk is deze naam niet geheel juist. Want een vergroeiing van parietaal en visceraal pericard geeft geen last en geen verschijnselen. Daartoe is noodig, dat er buiten het pericard vooral in het mediastinum vergroeiingen en bindweefselschrompeling ontstaan zijn. Dit laatste komt het meest voor bij de tuberculeuze chronische pericarditis, waar het proces steeds in gang is.

De verschijnselen zijn sterke dilatatio cordis met duidelijke teekenen vari een insufficiëntia cordis. Als typisch gelden de intrekking van de punt bij elke systole, en van de 9° intercostaalruimte links

Sluiten