Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

regelmatigheid en ongelijkheid in de pols vast te stellen. Met behulp van een electrocardiographisch onderzoek is dan de diag¬

nose bij kinderen zeer eenvoudig te stellen.

De prognose is bij kinderen met atriumfibrillatie vrij slecht. Men moet daarbij evenwel scherp onderscheiden. Er bestaat bij patiënten met

Schema van een atrium-fibrillatie. atriumfibrillatie een afwijking van

het myocard, waardoor de verschijnselen van insufficiëntia cordis, die deze patiënten meestal vertoonen, veroorzaakt worden. Maar deze symptomen zijn bij langzame pols soms nauwelijks erger in tijden, dat het atrium regelmatig klopt dan in tijden van fibrillatie. Het verloop van de atriumfibrillatie is zeer verschillend. Soms treedt het voor korten tijd op en keert niet weer terug. Meestal herhalen zich de aanvallen telkens en telkens, totdat de fibrillatie permanent wordt. Door de atriumfibrillatie zelf wordt de werkzaamheid van de hartspier belemmerd, voorat wanneer de pols zeer frequent wordt. Men ziet dan soms plotseling de verschijnselen van een insufficiëntia cordis optreden. Deze kunnen meer en meer toenemen, zoodat het kind na korten tijd daaraan sterft. Ook een morssubita, die wel aan ventrikelfibrillatie wordt toegeschreven, komt voor. Vangroot belang voor de prognose is ook de vraag, hoe het kind op digitalis reageert.

De therapie begint met voorschriften, die het hart rust geven. Daarna komt de toediening van digitalis. Men geeft daarvan onmiddellijk vrij groote giften, totdat de pols langzaam is geworden en de teekenen van insufficiëntia cordis verbeterd zijn, en laat het dan weg, om weer te beginnen, zoodra de pols frequenter wordt. Het streven moet dan zijn de dosis uit te zoeken, waarbij do polsfrequentie zoo groot is, dat het hart de beste voorwaarden voor zijn functie heelt. Dikwijls is de hoeveelheid digitalis, die men moet geven om succes te hebben, zoo groot, dat er teekenen van intoxicatie als braken, diarrhoe, misselijkheid, anorexie, en zich ziek en akelig voelen, voor den dag komen. Men moet dan onmiddellijk ophouden. Het is gevaarlijk door te gaan.

Soms hebben andere middelen hetzelfde effect, zooals strophantus, maar zelden is het succes grooter. In spoedeischende gevallen kan men strophantine intraveneus geven, (T'ïï c.M.3—\ c.M.3 van een oplossing tJöö)-

Sluiten