Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de periode van hvperaemie van het slijmvlies werkt de hoest direct schadelijk, omdat ze de hyperaemie verergert. De hoestprikkel is bij nerveuze kinderen vaak bizonder sterk en hardnekkig. Wanneer men in dit stadium, dat er nog slechts hyperaemie en wat zwelling van het slijmvlies bestaat, onderzoekt, dan blijkt de bronchitis hoogstens uit een cenigszins ruw karakter van het ademgeluid. Zoodra er inhoud in de bronchi komt door meerdere slijmproductie en diapedese van leucocyten, en de hoest daardoor losser is geworden, hoort men bij auscultatie droge reutelgeruischen brommen en piepen, en enkele middelblazige vochtige reutels. Deze laatste vindt men dan meestal beiderzijds onder achter.

De overige verschijnselen, die de patiënt aanbiedt, zijn niet van de bronchitis afhankelijk maar berusten op dezelfde oorzaak als deze. Vaak vindt men gecombineerd met de bronchitis een coryza, en een lichte roodheid van de verhemeltebogen met een geringe zwelling van de regionaire lymphklieren. Meestal heeft het kind wat koort-s, is het hangerig, en verlangt het naar bed, heeft het minder eetlust en als het een zuigeling is, vindt men vaak een dyspepsie, zooals deze bij elke parenterale infectie voorkomt.

Dit is de meest gewone combinatie van verschijnselen bij een bronchitis. Evenwel is dit slechts daarom zoo, omdat de meeste bronchitiden bij kinderen zich bij een lichte verkoudheid of zeer goedaardige griepinfectie aansluiten.

In andere gevallen is de bronchitis slechts bijkomstig verschijnsel in het geheele ziektebeeld. Zooals uit de beschrijving dezer infectieziekten in het eerste deel is op te maken, is de bronchitis een verschijnsel van kinkhoest, mazelen, influenza, febris typhoïdea, scarlatina, sepsis en andere infectieziekten. Men moet bij het vinden van een bronchitis zich even goed als bij het constateeren van een atrophie bij een zuigeling, steeds afvragen, wat de oorzaak is van dit syndroom, omdat daardoor prognose, prohpylaxis en therapie bepaald worden.

De verschijnselen, zooals deze bovengenoemd zijn, zijn alle zeer goedaardig en onschuldig. Toch komt het voor, dat een bronchitis een kind, dat zwak is, in levensgevaar brengt. Meestal gaat dit op deze wijze, dat de ontsteking weldra voortschrijdt van de grovere vertakkingen naar de broncheoli, soms ook wordt bij een zuigeling onder invloed van de infectie, die ook de bronchitis veroorzaakt, een latente voedingsstoring plotseling manifest (zie deel I, Voeding, blz. 354). Voor deze laatste mogelijkheid verwijs ik daarheen.

Wanneer de bronchitis zich naar de broncheoli voortplant

Sluiten