Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BLOEDZIEKTEN.

ANAEMIEËN.

Men kan moeilijk volhouden, dat de anaemie een ziekte is op zichzelf, maar om goed te doen uitkomen, welke de gevolgen zijn van een insufficiënte werking van de roode bloedlichaampjes is het toch noodzakelijk om de anaemie als afzonderlijke eenheid te bespreken. Dit heeft het groote voordeel, dat men te midden van andere verschijnselen de anaemie altijd terug kan vinden, kan herkennen en behandelen.

OLIGOCHROMAEMIE.

Bij kinderen vestigt de bleekheid van de huid en de slijmvliezen meestal de aandacht op het bestaan van een anaemie Niet, alsof elk kind, dat bleek ziet, ook anaemisch is. Want er zijn zelfs een groot aantal kinderen, die nauwelijks of niet anaemisch zijn en die toch bleek zien. Deze bleekheid ziet men vooral bij kinderen met neuropathie of met exsudatieve diathese, meestal hebben zij ook een sterke dermographie. Waarschijnlijk is de bleekheid voor een deel het gevolg van een contractie der huid vaatjes, waardoor de huid bloedarm wordt. Algemeen bekend is ook de bleekheid van kinderen, die weinig pigment hebben.

Er is dus meer nood'ig dan bleekheid om van anaemie te kunnen spreken. Dit kunnen zijn een groep subjectieve en objectieve verschijnselen van meer indirecten aard, die bij jonge kinderen weinig beteekenis hebben, maai1' het voornaamste verschijnsel komt bij onderzoek van het bloed aan het licht. Men moet daarbij de grootste waarde hechten aan de bepaling van het haemoglobinegehalte1). omdat de functie der chromocyten door het haemoglobine bepaald wordt, en hieraan gebonden de zuurstof door het lichaam circuleert. Het is dus noodzakelijk dit haemoglobinegehalte te bepalen om de lichte vormen van anaemie te onderkennen.

Een minder belangrijk verschijnsel der anaemie is een vermindering der chromocyten, dat bij lichte vormen zelfs ontbreken

Gorter en De GraaI'F, 1917, 2e druk blz. 91,

Sluiten