Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn er bij deze periphere verlammingen ook sensible en trophische en vasomotore storingen. Bij de gewone polyneuritis zijn de verlammingen meestal symmetrisch.

De centrale kunnen het gevolg zijn van een ruggemergsacuidoening waarvan de verlammingen bij poliomyelms verreweg het meest voorkomen. Alle andere oorzaken zijn zeer zeldzaam (eenzijdige laesie van het ruggemerg in hals- of lendenaanzwelhng).

LOCALISATIE.

CEREBRALE MONOPLEGIEËN.

Hierbij hebben de verlammingen dezelfde kenmerken als bij de hemiplegie. Er is verhooging der peesreflexen met verdwenen huidreflexen, terwijl de verlamming eerst slap is om later spastisch te worden en contracturen te geven. Ook sensibiliteitsstormgen komen nogal dikwijls voor, en aanvallen van Jackson's epilepsie

zijn niet zeldzaam.

Een cerebrale monoplegie is vrijwel altijd het gevolg van een laesie van de hersenschors. Want al zijn ook de banen in de capsula interna die van het gelaatcentrum komen, gescheiden van die voor het been, [zie fig. 149 (1, 2, 3),] toch komen monoplegieën door aandoeningen van de capsula zeer zelden voor. ° Als men dus een monoplegie van cerebralen oorsprong heeft vastgesteld kan men de haard in cerebro gemakkelijk localizeeren (zie fig. 147 1, 2, 3). Zoo behoort een verlamming van het been bij een laesie van het bovenste stuk van de gyrus praecentralis en de gyrus paracentralis enz.

MEDULLAIRE EN RADICULAIRE MONOPLEGIEËN.

De localisatie der laesies in het ruggemerg, zooals deze voornamelijk bij poliomyelitis voorkomen is dezelfde als deze zou zijn bij een laesie van bijbehoorende voorste wortel (Déjerine) *). Nemen wij deze stelling als juist aan, dan kunnen de radiculaire localisaties der monoplegieën tegelijk worden besproken. Veelal is er een scherp onderscheid tusschen deze radiculaire localisaties en de periphere verlammingen, omdat in de plexus brachialis, cervicalis, lumbalis en sacralis de verschillende wortels worden dooreengemengd, onderling en met sensible vezelen. Ook voor de motorische hersenzenuwen geldt veelal ditzelfde verschil van nucleaire en periphere verlamming, al is het vaak minder duidelijk. Slechts de intercostaalspieren en de lange rugspieren worden uit de wortels rechtstreeks geïnnerveerd.

') l.o. p. 641.

Sluiten