Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar het centrum van kinaesthetische indrukken voor het cerebellum, volgen de kinaesthetische indrukken naar het cerebrum andere wegen. Zij zijn het, die langs de achterste wortels binnengedrongen in de achterstrengen naar boven gaan — waarbij ook zijtakken naar beneden worden afgegeven — om hun voorloopig einde te vinden in de groote nuclei gracilis (Goll) en cuneatus (BurdACh) in het verlengde merg. Daar begint het 2e neuron, dat onmiddellijk kruist met de baan van de overzijde en in de lemniscus naar boven verloopt om wederom te eindigen in de ventrale kern van den thalamus opticus. Hier begint het 3e neuron, dat door de corona radiata naar de hersenschors verloopt. De vezels uit het been zijn in nevensstaande figuur door 3 aangeduid, die van de arm door 2, die van de trigeminus doorl. Hier worden de bewegingsindrukken bewust.

Bovendien bestaan er stellig nog vele andere korte verbindingen die naar het cerebellum toe geleiden. Een voorbeeld is de spino-olivaire baan, die in de driehoek van Hellweg verloopt, uit het halsmerg ontspringt en eindigt in de olijfkern (zie schema blz. 440). Daar begint een 2° neuron: de olivo-cerebellaire baan die door het corpus restiforme naar de schors der hemisphaeren gaat.

Andere voorbeelden zijn de vezels, die het halsmerg verbinden met de nucl. proprius corpor. restif of nucl. funic. later en nucl. arcuatus, die alle weer door de fibr. are. extern, naar het cerebellum in verbinding staan.

Afzonderlijk genoemd moet de baan, die van het, periphere evenwichtsorgaan — de halfcirkelvormige kanalen — naar het cerebellum verloopt. De N. vestibularis, die de vezels van de halfcirkelvormige kanalen bevat, verloopt naar de groote kernen van Deiteks en Bechtekew. Hier begint een 2e neuron, dat deze kernen verbindt met ruggemergcentra, met de oogspierkernen (fig. 171a), met de kernen voor de zijdelingsche beweging van het hoofd, en ook met het cerebellum. Langs de vestibulo-spinale baan (zie fig 170 bruin) worden impulsen uit de halfcirkelvormige kanalen geleid naar de musculatuur van hoofd, hals en romp. Deze baan is ongekruist. De baan van de kern van Deiteks naar het cerebellum verloopt door de pars interna corporis restiformis naar de kernen van het cerebellum.

De centrifugale wegen voor deze coördinaties van bewegingen en standen zijn minder eenvoudig en slechter bekend. Waarschijnlijk verloopt een deel in de schors van het cerebellum naar de nucl. dentatus, waar een onderbreking plaats heeft, en dan door de brachia coniunctiva cerebelli naar de nucleus ruber. Hiervanuit gaan verbindingen naar de hersenschors en naar het rugge-

Sluiten