Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De tweede verbinding gaat naar het corpus geniculatum laterale. Het is tusschenstation tusschen netvlies en hersenschors. Van daaruit gaat een geniculo-corticale straling, die de capsula interna in zijn retro-lenticulaire deel bereikt en met het stratum sagittale externum (de corona radiata van de opticusbaan)' naar de hersenschors, waar het centrum ligt op gyrus cuneus en gyrus lingualis aan weerszijden van de fissura calcarina (fig. 172Ö).

De derde verbinding is die met het pulvinar thalami, vanwaar de thalamo-corticale straling begint, die langs stratum sagittale internum naar de schors gaat. Deze eindigt volgens Winkler op de gyrus angularis, in de laterale en basale vlakte van de occipitaal-lob (fig. 172d).

In de geniculo- en thalamo-corticale banen (fig. 172c) is er een zoodanige localisatie, dat dorso-laterale gedeelten afkomstig zijn van de onderste gekruiste gezichtshelft. Vaker geeft een laesie der dorso-laterale deelen gekruiste hemianopsie.

SYMPTOMEN EN AETIOLOGIE.

Bij een laesie van de nervus opticus ontstaat een amblyopie van één oog met verdwenen lichtreflex, terwijl slechts bij toeval een willekeurig deel van het gezichtsveld alleen kan zijn uitgevallen, bijv. als een tumor van buiten tegen de N opticus drukt, ontstaat er een temporale laesie van het gezichtsveld van het oog aan dezelfde kant.

Voor een laesie van het chiasma — klassiek voor de hypophysistumoren — is typisch, dat slechts de gekruiste vezels voor de beide nasale retinahelften gelaedeerd zijn, zoodat er een bitemporale hemianopsie ontstaat.

Bij een aandoening van den tractus opticus en van de thalamocorticale of geniculo-corticale stralingen is te verwachten een homonnyme hemianopsie. Is de rechter tractus opticus doorgesneden, dan wordt het temporale deel van Het rechter oog, het nasale van het linker oog amblyopisch: er ontstaat dan een linkszijdige (gekruiste) hemianopsie. Hierbij ontsnapt de fovea centralis steeds, waarschijnlijk, omdat de vezels daarvan naar beide schorshelften worden geleid (fig. 172).

Om nu tusschen de verschillende homonyme hemianopsieën te onderscheiden en te kunnen uitmaken, waar de haard is gelocaliseerd, die de oorzaak is, moet men naar bijkomstige symptomen zoeken.

Men moet onderzoeken op het verdwenen zijn van de pupilreflex bij verlichting van het blinde deel van de retina, op de

Sluiten