Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Door de imbibitie van de onderliggende hersenschors, door compressie van uittredende hersenzenuwen kunnen verschijnselen optreden, die niets kenmerkends hebben voor deze meningitis. Natuurlijk kunnen aldus slechts symptomen ontstaan die berusten op een laesie van dat gedeelte van het zenuwstelsel, dat onmiddellijk door de meningen bekleed wordt. Toch komen ook andere nerveuze verschijnselen bij meningitis voor, die - voorzoover ze niet afhankelijk zijn van een begeleidende encephalitis of andere hersenlaesie — berusten op een verhooging van de intracranieele druk. Indien men ook deze verschijnselen uitschakelt, dan blijft er slechts een klein aantal symptomen over, die voor een aandoening der meningen zelf min of meer kenmerkend zijn. Scherp is trouwens de scheiding niet tusschen deze laatste specifiek meningeale symptomen en die, welke afhankelijk zijn van de ziekte der sub-meningeale hersensubstantie.

Als verschijnselen van verhoogde hersendruk zijn op te vatten de hevige hoofdpijn, die meer in het voorhoofd gelocalizeerd pleegt te worden, het hardnekkige braken, onafhankelijk van de maaltijden, de langzame pols, en de stuwingspapil in het oog Hoogstwaarschijnlijk kunnen ook convulsies bij meningitis vaak worden toegeschreven aan de verhooging van de intercranieele druk, terwijl het coma, de somnolentie en sufferigheid veelal geen andere verklaring behoeven. Ook het symptoom van Mac Ewen behoort hierbij 1).

Een der typische meningeale verschijnselen is de nekstijfheid. Wanneer het kind niet somnolent is, dan klaagt het zelf over de stijfheid van de nek en de pijnlijkheid in het achterhoofd. Als het kind rustig ligt, houdt het de nek min of meer achterover gebogen. Dit achteroverhouden van het hoofd is vooral bij zuigelingen duidelijk. Men kan in beginnende gevallen de nekstijfheid soms pas bemerken, wanneer men het hoofd tracht te" buigen naar de kin of wanneer men zijdelingsche bewegingen probeert uit te voeren. Als „signe de la nuque" is door Brudzinski beschreven het verschijnsel, dat een kind met meningitis zijn beenen moet buigen, zoodra men zijn kin naar de borst beweegt terwijl het languit op zijn 1 ug in bed ligt. Dit verschijnsel was in eenigzins anderen vorm reeds veel langer bekend als symptoom van Kernig. Wanneer men bij een kind, dat languit op zijn rug in bed ligt, de in de knie gestrekte beenen in de heup buigt, ziet men, dat het veel eerder dan een gezond kind, ook de beenen in de knie moet buigen. Ook kan men het verschijnsel aldus opsporen, dat men het kind

') Zie Hydrocephalus bi. 491.

Sluiten