Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en sinus cavernosus, bereiken bet ganglion ciliare door de radices sympathicae, en na onderbreking voert hun postganglionnairen weg, stellig door de N. ciliares breves, misschien ook langs de radix longa in de N. N. ciliares longi naar het oog.

Veel beter kennen wij den weg, die de pupilvernauwers nemen.

Het staat vast, dat hun praeganglionnaire weg in de proximale wortels en in den stam van den N. oculomotorius ligt, welke hen door den radix motoria sive brevis aan het ganglion ciliare overgeeft. Het staat evenzeer vast, dat die vezels in het ganglion ciliare hun einde vinden. De doorsnijding van den N. oculomotorius wordt bij dieren gevolgd door een degeneratie, die bij het ganglion ciliare halt maakt. Ook Langley en Dickinson, die nicotine op het ganglion ciliare druppelden, zagen bijna onmiddellijk daarna, dat de prikkeling van den N. oculomotorius niet meer gevolgd wordt door pupilvernauwing. De oorsprong der postganglionnaire vezels ligt dus in het ganglion. De postganglionnaire weg ligt in de N. ciliares breves.

Het ganglion ciliare is inderdaad het autonome vertebraal ganglion voor de pupilvernauwers en voor de accomodatie-spier *).

De autonome vezels daarvoor ontvangt het van den N. oculomotorius.

Daarentegen ontvangt het ganglion ciliare de vasomotorische vezels voor het oog waarschijnlijk reeds als postganglionnaire stelsels uit de radices sympathicae, om ze door de N. N. ciliares breves en langs de radix sensitiva door de N. N. ciliares longi ononderbroken verder te voeren.

De pupilverwijdende vezels hebben met het ganglion ciliare niets te maken. Hun praeganglionnaire stelsel ligt in de halsstreng van den N. sympathicus. Doorsnijdt men deze en dwingt daardoor de doorsneden vezels tot degeneratie, dan schrijdt deze slechts tot aan het ganglion supremum colli N. sympathici voort.

Het aldus vernielde proximale stuk der halsstreng geeft bij prikkeling geen pupilverwijding meer.

Zoodra men echter de electroden op het ganglion supremum zelf zet, wordt prikkeling weer door pupilverwijding gevolgd. Langley toonde voorts aan, dat een zwakke oplossing van nicotine op het ganglion supremum gedruppeld, onmiddellijk ten gevolge heeft, dat de pupil verwijding na electrische prikkeling van de halsstreng uitblijft. De praeganglionnaire baan eindigt voor de pupil ver wijders in het ganglion supremum colli.

Dan begint de postganglionnaire weg, die door de meest proximale takjes van dit ganglion deels direkt in den N. trigeminus overgaat, deels in den plexus tympanicus 2) komt, en in ieder geval over de N. N. ciliares

') De praeganglionnaire weg der centrifugale vezels voor den 111. spliincter pupillae (bij licht-prikkel), is niet dezelfde als die, welke gelijktijdig de pupilvernauwing en de accomodatie spier (bij convergentie) beheerscht, al gaan ook beide wegen over liet ganglion ciliare (Lasalle d'Archanibault).

*) Experimenten van A. de Kleyn en Ch. Socin stelden dien weg bij katten physiologisch vast. De Burlet verifieerde hen morphologisch.

Sluiten