Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben wij dus, zoover dit uit normale praeparaten te beoordeelen is, op het niveau der binnentreding van de zenuw te rekenen met de volgende oorsprongskernen van den N. trigeminus.

De radix motoria (zie fig. 189) maakt zich door de radiatio motoria los:

1°. uit den nucleus motorius N. V.

2°. uit de ventrale celgroep van den locus coeruleus.

De radix sensibilis ontstaat:

3e. uit de dorsale celgroep van den locus coeruleus en wendt zich

4®. tot den nucleus sensibilis, terwijl zij zich in een vlechtwerk van vezels ontbundelt en

5®. tot de vezelmassa die naar de kleine hersenen voert.

Het is wel merkwaardig, dat deze vingerwijzingen uit liet normale vezelpraeparaat, vrij goed in overeenstemming zijn met hetgeen de degeneratie-methode leert omtrent den oorsprong van den N. trigeminus.

Men kan bij het konijn den N. trigeminus gemakkelijk doorsnijden tussclien het ganglion semilunare en het centrale orgaan. Het is niet noodig om daarvoor de oudere, aan Magendie ontleende (o.a. door Snellen in zijn bekende trigeminus-experimenten benut) methode te gebruiken. In het laboratorium van Obersteiner deed Bregmann het met zeer bevredigend resultaat, dat in hoofdzaak met mijn ervaring in dit ojjzicht overeenstemt.

Men kan bij het konijn en bij de kat door de bulla ossea heen met sparing van het labyrinth, de dorsale vlakte van liet rotsbeen blootleggen en dan min of meer duidelijk den N. trigeminus zien en doorsnijden. Vaji Gehuchten heeft er de methode voor aangegeven en van Londen heeft haar in mijn laboratorium met vrucht toegepast.

Al ziet men dan eenigermate wat men doet, dan is men toch niet geheel zeker van een volkomen of gedeeltelijke doorsnijding van de zenuw. In het schema, dat in tig. 196 tot uitdrukking is gekomen, is ook het punt aangegeven, waar men tegen den N. trigeminus aanstoot als men door de bulla ossea heen opereert.

Een kleine afwijking van de richting der snede, doorsnijdt of uitsluitend den derden tak (snede a in fig. 196, en deze kan zelfs nog perifeer of centraal van het ganglion semilunare vallen) of wel de 3'1e en 2"1® tak worden met elkander doorsneden (snede b in fig. 196), of eindelijk de gelieele wortel wordt gekliefd (snede c in fig. 196).

Is de zenuwdoorsnijding volkomen, dan wordt dit gewoonlijk dadelijk bemerkt. De trigeminus-schreeuw verraadt, dat de zenuw ergens getroffen wordt, de pupil wordt oogenblikkelijk maximaal vernauwd, het cornea-reflex is eveneens onmiddellijk opgeheven om niet terug te keeren. Het gelukt verder door het uitblijven van het knipreflex bij steken in de wang, door het uitblijven van het terugtrekken der onderlip bij steken in het slijmvlies der kaak, de gevoelloosheid in het huidgebied waarschijnlijk te maken.

Onvolkomen doorsnijdingen zijn dikwijls nog merkwaardiger. Tien of

Sluiten