Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

anders. De celnestjes ziet men niet meer. Zij maken plaats voor de eigenaardige gelatineuse massa, die groote overeenkomst heeft met de gelijknamige kern, die in de formatio Rolando van het ruggemerg beschreven is. De nucleus gelatinosus t-racti spinalis treedt in het distale einde zeer op den voorgrond en de bouw van deze kern verschilt hemelsbreed van dien, welke wij aan het proximale einde in den nucleus sensibilis N. V. hebben leeren kennen.

Beter nog dan in de horizontale doorsnede door een normaal foetaal praeparaat is het verschil in bouw der kernen, die den tractus vergezellen, bij liet konijn te overzien in een horizontale doorsnede van den hersenstam als de N. trigeminus een tiental dagen voor den dood volkomen is gekliefd en de vezels in den tractus spinalis allen zijn gedegenereerd (zie hiernevens in fig. 192).

Bizonder goed kan men zich echter in fig. 191 oriënteeren over de plaatsing van den nucleus masticatorius. Deze kern reikt nooit zoover proximaal als de nucleus sensibilis, en in distale richting is zij geëindigd, zoodra de knie of de naar buitentredende wortel van de N. facialis getroffen wordt.

Volgt men den, na volkomen worteldoorsnijding gedegenereerden, N. trigeminus op lengte-doorsneden, in distale richting, dan leert men (zie fig. 192) het volgende:

De relatief spaarzaam met Marchi-korrels bedeelde radix motoria (r. mot. N. V,) wijkt al spoedig in den nucleus motorius N. V. af. Ook deze is slechts in geringe mate voorzien van zwartgekleurde korrels. Jn distale richting eindigt zij even boven het niveau van de knie van den N. facialis (genu N. VII.).

De volkomen gedegenereerde vezels van den tractus spinalis N. V. kan men in continuïteit volgen tot aan de in deze doorsnede scheef doorsneden achterhoorn van het tweede halssegment (cornu dors. m. cerv. in fig. 192). Daar zijn zij met de vezels der zone van Lissauer uit den tweeden cervicalen wortel gemengd en helpen aan de voorziening met vezels van de formatio Rolando.

De wijze waarop de vezelvoorziening in het distale kerngebied van den tractus spinalis plaats vindt, is duidelijk. Ten deele maken zich uit den hoofdstam onder loodrechte hoeken gedegenereerde vezeltjes los, welke het stratum gelatinosum doordringen, ten deele ook vormen de vezels uit den hoofdstam een smal, maar gedegenereerd vlechtwerk, lateraal (of dorsaal) van het stratum gelatinosum. Van dit vlechtwerk, het stratum spongiosum dorsale (str. spong. dors. in fig. 192) maken zich opnieuw in een richting loodrecht daarop, de gedegenereerde vezeltjes los, die dwars door het stratum gelatinosum heengaan.

Het stratum gelatinosum der formatio Rolando gaat, gelijk men ziet, zeer geleidelijk over in den nucleus gelatinosus van den tractus spinalis N. V.

De dit stratum doorborende vezels eindigen wederom in een gedegene-

Sluiten