Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zichtbaar als kleine stippen. Mediaal van de radix motoria ligt de ronde door zijn groote multipolaire cellen opvallende nucleus masticatorius.

Aan de rechterzijde zijn zoowel de radix motoria N. V. als de nucleus masticatorius onveranderd te noemen. Daarentegen is de nucleus sensibilis onherkenbaar geworden. Slechts een paar onduidelijke celnesten (fig. 225. B) zijn aan de ventrale pool der kern nog even herkenbaar. Maar er is geen spoor meer over van de groote daarin te vinden cellen en ook de kleine zijn in grooten getale verdwenen.

Ook in dit geval vertoonden de rechter achterstrengkernen soortgelijke atrophie.

Een atrophie van de dorsale secundaire trigeminusbaan en van den lemniscus medialis, samengaand met verlies der groote cellen en atrophie der celnesten in den, aan deze bundels gekruisten, nucleus sensibilis a, heb ik bij een 8-tal ter mijner beschikking staande primaire laesies van de ventro-mediale thalamuskernen nooit gemist.

Het is dus aan geen twijfel onderhevig of de nucleus sensibilis a van den tractus spinalis N. V verbindt zich op dezelfde wijze met het diencephalon, als de nucleus cuneatus het doet. Hij is het ontvangstation voor proprio-receptieve vezels uit alle trigeminustakken, voor zoover zij niet tot Cu of Ci doorgaan, en is in alle opzichten verwant aan den nucleus cuneatus. H ös e 1' s waarneming heeft betrekking op een feit van algemeene strekking. Van den nucleus sensibilis a gaan de secundaire kinaesthetische banen naaiden thalamus opticus, op soortgelijke wijze als die, welke uit de achterstrengkernen worden uitgezonden.

c. De secundaire centripetale wegen voor intero-receptieve perceptie van het stelsel van den N. trigeminus. De nucleus sensibilis b van den tractus spinalis N. V.

Toch zijn deze lange banen naar het diencephalon, zooals zij in het schema van fig. 226 zijn afgebeeld, niet de eenige, welke door de kernen van den tractus spinalis worden uitgezonden.

Er bestaat nog een andere lange baan. Zij valt samen met den tractus spino-thalamicus. Aan dezen bundel werd in hoofdstuk V (Deel I, p. 235) een bepaalde beteekenis gegeven, als de geleider van pijnlijke en thermische impulsen, die langs de achterwortels der medulla spinalis werden aangevoerd.

Diezelfde beteekenis komt den vezeltoevoer toe, welken de tractus spinothalamicus uit den tractus spinalis ontvangt.

Bij arteriosclerose der artèriae vertebrales, welke tot haardvorming voert in den lateralen wand der medulla oblongata of van het tegmentum in het distale einde der Varolsbrug, werd een, eveneens in hoofdstuk Y (Deel I, p, 236) beschreven verschijnselengroep, waargenomen. Het komt dan voor, dat volledige of onvolledige gevoelloosheid in het huidgebied van de door den haard verwoeste kern van den tractus spinalis wordt waar-

Sluiten