Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

cupiilae. Op Corti's orgaan vindt men hen als de membrana tectoria en als de straks te beschrijven tand vormingen.

In de cupula komen1 somwijlen nog otolithen voor. Tn het orgaan van Corti ontbreken zij.

De prikkel, die de zintuigscel in zulk een statisch eindorgaan in werking zal stellen, is nooit direct de prikkel van buiten. Rythmisch of niet rythmisch wordt de prikkel overgegeven aan vocht. Dan wordt langs mechanischen weg de otolith of een der andere cuticulaire vormsels door het vocht in beweging gebracht en mechanisch wordt dan aan de zintuigscel den prikkel toegebracht, die door haar tot een impuls voor de zenuwvezels wordt vervormd.

Daarin treffen wij dus weer de kenmerkende eigenschap welke alle proprio-receptieve eindorganen eigen is. Hun zenuwcellen worden niet dooide prikkels van buiten, maar indirect door van hen afhankelijke lichamelijke veranderingen buiten de zenuwcellen, in werking gesteld.

Het vraagstuk dat de vergelijkende anatomie voor de aan den N. octavus gebonden zenuwstelsels heeft op te lossen, is in den jongsten tijd door een Nederlandsch onderzoeker, Dr. Scliepman, verder gebracht. Op heldere en eenvoudige wijze geeft hij een overzicht van den stand der zaken voor beide octavus-stelsels, zonder ooit den samenhang van beiden uit het oog te verliezen.

Hij geeft hen den naam van het octavo-laterale stelsel en behandelt dit als een samenhangend geheel.

Want bij de visschen vindt men naast het statische eindorgaan aan den kop, in een lijn aan weerszijden langs het lichaam geplaatst, een z.g. lateraal huidzintuig, door een tak van den N. vagus beheerscht, waarvan de eindorganen de boven beschreven eigenschappen bezitten, en wier functie eveneens zou zijn, watertrillingen met reflexbewegingen te beantwoorden.

De eindorganen van dit zintuig zijn niet geheel gesloten inzinkingen der huid, in wier bodem groepjes haardragende zintuigscellen zijn gelegen. Maar hoe verleidelijk het ook zou zijn om over de beteekenis van dit orgaan als een proprio-receptief huidorgaan uittaweiden en het in tegenstelling te brengen met de eindorganen voor de smaak en voor het tastzintuig, zal ik die verleiding weerstaan. Tiet lateraal orgaan ontbreekt bij de hoogere vertebraten en kan hier niet behandeld worden.

Dat neemt echter niet weg, dat ook dit orgaan vele aanrakingspunten bezit met die van den N. octavus en dat ik de grondgedachte van Schepman om al deze eindorganen van uit een enkel gezichtspunt te bezien, met volle overtuiging tot de mijne maak.

De verdere differentiatie der statocysten zou dan de volgende zijn.

Naast de statocyste der coelenteratcn, mollusken en crustaceeën en daarmee nog vergelijkbaar, is de meest eenvoudige vorm van het statisch eindorgaan, een zakje met een macula communis als zintuigelijk orgaan.

Winkler II, 8

r

Sluiten