Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vezelwerk uit, dat in de éndolymphe is geplaatst en waarop bij de cupulavorming wordt teruggekomen.

Die eenvoudige bouw kan men tevens beschouwen als een grondslag waarop ook het bouwsel der veel meer gecompliceerde eindorganen van den N. octavus is opgetrokken.

|ï. De maeulae nervosae labyrinthi of de zintuigsvlekken

van het labyrinth.

Van veel grooter omvang dan de boven beschreven striae nervosae in de booggangen en ook veel samengestelder in hun bouw, zijn de maeulae nervosae. Er zijn er twee. In den saceulus ligt de macula sacculi, in den utriculus ligt de macula utriculi. Van deze twee is de macula sacculi op de eenvoudigste wijze gebouwd.

In fig. 237 is de plaatsing dezer zintuigsvlek reeds afgebeeld en in fig. 243 is een teekening gegeven van de wijze, waarop zij den toevoer harer zenuwen ontvangt. Verborgen in den saccUlus van den recessus sphaericus, heeft zij de gedaante van een zwak uitgehold schoteltje, dat met den bollen kant gekeerd is naar den beenigen wand van den recessus.

De wand van den sacculus bestaat uit vrij hooge, als palissaden naast elkander liggende cylindercellen, maar de macula zelf is anders gebouwd.

De zei^uw, die de impulsen der macula opneemt, de ramus saccularis, begeeft zich uit het ganglion Scarpae le direct naar den bodem van het schoteltje, om vlak onder de macula de stevige grondvlecht te vormen (b in fig. 243), 2e kan men een groot aantal harer vezels volgen langs den beenrand van den recessus sphaericus.

Deze vormen den aanvankelijk zeer stevigen plexus perilymphaticus (a in fig. 243) welke den beenigen wand van het vestibulum overtrekt en zelfs bij het foramen ovale, in de membrana baseos stapedis wel zeer dun is, maar er toch niet geheel ontbreekt. Van den plexus perilymphaticus gaan door de perilymphe heen vezels uit (c. in fig. 243), die den plexus basalis rondom den wand van den sacculus versterken en ook daar, waar geen macula is, de celbekleeding van den sacculus draagt. Langs den wand van den sacculus is de grondplexus veel ijler, dan zij bij de macula is, maar hij ontbreekt er nergens.

Uit den grondplexus ziet men tusschen de cvlinders van den sacculuswand door, fijne fibrillen gaan, welke een plexus endo-lympliaticus vormen. Voor den wand van den sacculus geldt dus hetzelfde schema van innervatie als voor de striae nervosae der booggangen.

Ter plaatse der macula is bouw en zenuwverzorging echter meer samengesteld. De stevige grondplexus zend ook hier fibrillen tusschen de cylindervormige elementen, die de voortzetting schijnen te zijn der palissadencellen van den sacculus-wand. Men noemt hen de basale cellen der macula (e fig. 243 en c fig. 244) en de uit den grondplexus afgezonden fibrillen

Sluiten